was successfully added to your cart.
Category

vlog

Zelfzorg en grenzen stellen

Deze week hadden we het in de Facebookgroep en ook per e-mail over het thema “zelfzorg & grenzen stellen”. Grenzen stellen in de betekenis van “aan het gedrag van je kind / de behoeften van je kind om voor jezelf te zorgen”.

Ik kreeg vele reacties in de Facebookgroep en ook per e-mail, en op basis daarvan schreef ik deze blog met tips, met een filmpje erbij.

Tip 1: geef aan jezelf wat je geeft aan je kind

Ik merk vaak dat mensen ergens de overtuiging of de mindset hebben dat het ofwel zorgen voor jezelf is ofwel zorgen voor je kind. Maar veel kan gewoon samen, je kan zorgen voor jezelf én voor je kind. Wanneer zelfzorg voor jou nog moeilijk is, omdat je je schuldig voelt bijvoorbeeld, dan kan dit alvast helpen om toch beter voor jezelf te zorgen.

Bijvoorbeeld: je snijdt fruit voor je kind, en ook voor jezelf. Even samen fruit eten en relaxen.

Of samen kleuren, kan ook voor jou ontspannend zijn. Of de baby (of peuter of kleuter) voeden in de zetel, met een lekker drankje erbij en een knabbeltje. Daarna samen een dutje doen.

Vervang “ik heb daar geen tijd voor” door “dat is geen prioriteit voor mij” en je gaat merken hoe hoog of hoe laag je jezelf zet op het zelfzorgladdertje…

Tip 2: Samen

Doe samen iets wat JIJ leuk vind, en wat je kind kan meedoen. Jij kiest. Leg dit uit aan je kind: “soms kies ik, soms kies jij”. Zo leer je je kind ook weer waardevolle dingen.

Dit is ook een mooie kans om het kind in jezelf te gaan herontdekken. Wat doe jij eigenlijk graag?

Tip 3: wat wil je leren?

Vraag jezelf af wat je wil leren aan je kind. Goed voor jezelf kunnen zorgen, is heel erg belangrijk in de maatschappij van vandaag, waar iedereen het zo druk lijkt te hebben. Binnen een jaar of tien, twintig, wanneer jouw kind groot is, zal dit waarschijnlijk nog erger zijn. Het is dus misschien wel essentieel, dat jij je kind leert om voor zichzelf te zorgen.

Een voorbeeld geven helpt dan altijd wel. Je kan ook eens kijken naar je eigen mama, hoe was het bij jou vroeger thuis gesteld met de zelfzorg? En wil je dat doorgeven aan je kind, of niet?

Tip 4: Focus verleggen als positieve hulp bij loslaten

Door je kind “alleen” te laten (lees: in de zorg van een andere, liefdevolle volwassene) leer je kinderen vertrouwen hebben in anderen. Leer je zelf om vertrouwen te hebben in anderen. Je kan toekijken vol bewondering naar je kind, dat hij of zij al zo groot is dat dit kan, dat hij of zij al zo mooi kan aangeven wat nodig is, ook bij een andere volwassene.

Je kan dankbaar kijken naar die andere volwassene, dat die voor jouw kind wil zorgen. Je kan toekijken vol bewondering, naar een papa die het zo graag goed wil doen (ook al is het met vallen en opstaan ;-)).

Tip 5: vertragen

Onze hoofden zitten soms zo vol, er is zoveel te doen en ons leven gaat maar door en door en door…

Soms moeten we even stoppen, om te kunnen zien en voelen wat er aan de hand is, en of het echt wel met ons gaat. En vaak moeten we eerst even vertragen, alvorens we kunnen stoppen.

Filmpje!

Met nog meer uitleg over deze tips. Enjoy!

Uitlachen en verbaal geweld

“Uitlachen” is iets anders, wanneer je twee bent of wanneer je een tiener bent. Uitlachen bij jonge kinderen is eerder grenzen opzoeken, of ook vaak ontlading, wanneer kinderen iets erg spannend vinden (een boze mama bijvoorbeeld, dat is ook een beetje eng, en vaak gaan ze dan lachen omdat ze het eng vinden).

Wat kan je doen als je kinderen verbaal geweld tonen? Waarom komt dit vaker voor als je kinderen al ietsje ouder zijn (lagere school leeftijd)? Wat mogen deze kinderen (en hun ouders ;-)) nog leren? Is negeren een oplossing?

Antwoorden kan je zien en horen in het filmpje!

Wat te doen met 2 broers in conflict?

Dit is ook een mooi onderwerp om eens wat over te zeggen. Het was ook weer een vraag van een mama in de Facebookgroep.

Conflicten tussen kinderen zijn onvermijdelijk. Conflicten onder broers en zussen vaak alledaagse kost. En dat is oké, ook dat is het oefenen van sociale vaardigheden, leren luisteren naar elkaar, compromissen sluiten enzovoorts. Een hele reeks aan groeikansen, jeeej… 😉

En als mama probeer je dan, wanneer je het “hoort aankomen” eerst te denken aan je eerstvolgende vakantie. Hmmm… Je hoeft niet altijd tussen te komen, zeker niet zolang beide partijen nog met elkaar aan het praten zijn. Praten geeft ruimte voor oplossingen en compromissen.

Maar goed. Dan heb je daar dat moment dat ze mekaar in de haren vliegen. Roepen, schreeuwen, tieren en misschien zelfs schoppen, slaan of ronduit vechten. Op zich kan dat dan wel eens gebeuren denk je dan, maar als dit een terugkerend patroon wordt, oh zo vermoeiend en absoluut niet fijn noch helpend.

Wat kan je dan nog doen?

Een andere, meer helpende kijk op pesten

pesten

Een mama vroeg me om iets te schrijven over:

 

“omgaan met kinderen die het niet goed bedoelen met jouw kind”
(bijvoorbeeld vragen om te komen spelen om te kunnen uitlachen)

Bij deze. 🙂

Kinderen zijn hard voor elkaar.

Volwassenen soms ook wel, maar die beschikken in principe over meer (sociale) vaardigheden om een en ander te kunnen inschatten en opvangen. Kinderen hebben deze vaardigheden nog niet.

Babies en peuters spelen naast elkaar.

Ze interageren niet echt met elkaar, ze gaan wel eens voor het stuk speelgoed dat de ander vast heeft, maar echt samen spelen zien we meestal pas later, in de kleuterklas. Gaandeweg leren kinderen samen spelen, en haast automatisch komen daar plagerijen bij, pesterijtjes, uitdagen, … . Door trial en error leren ze wat kan en wat niet kan bij elkaar, en bouwen ze sociale vaardigheden op. Kinderen die een kind vragen om te komen spelen, en het vervolgens uitlachen, die zijn ook volop aan het testen wat nu leuk is, en wat aanvaardbaar is. Hee, dit is een leuk spel! Wij vinden dit leuk! Dat de ander dat niet zo leuk vind, dat is een tweede stap die niet altijd gezet wordt, zeker als kinderen nog erg jong zijn.

Nu heb je wel wat nodig, om sociale vaardigheden te kunnen opbouwen.

Je hebt empathie nodig, want je moet je kunnen inleven in de ander, om te begrijpen dat wat jij doet voor de ander misschien niet leuk is. Je moet gelaatsuitdrukkingen kunnen herkennen (is de ander boos, verdrietig, blij). Je hebt wat beheersing nodig, anders kom je niet tot een over en weer communicatie van afwisselend praten en luisteren, en kan je dus ook niet leren afspraken maken.

Best ingewikkeld dus allemaal.

Wanneer je merkt dat je kind hard wordt aangepakt door andere kinderen, is het handig om dat kader in je achterhoofd te houden. Ze zijn sociale vaardigheden aan het opbouwen, en dat is een leerproces. Zeker bij kinderen van de lagere school is dat volop aan de gang. De andere kinderen doen het niet persé om te pesten. Dat kan helpen kaderen, zodat jij rustiger met de situatie om kan gaan. Zeker als je dit zelf ook ervaarde als kind, kan het zijn dat je hier flink getriggerd wordt… en dan gaat jouw verstand ook weer uit.

Maar goed, hoe kan je daar nu mee omgaan?

Uiteraard zeg je er wat van tegen de leerkracht op school, als dit op school gebeurt. Maar de kans is klein dat het probleem daarmee opgelost wordt. Idealiter gaat iemand aan de slag met die andere kinderen, en ook met jouw kind, maar de realiteit is anders. In de realiteit, kan jij vaak enkel aan de slag met jouw kind. In ieder geval is dat altijd een mooi begin.

Je kan het gevoel van je kind erkennen, je kind au serieux nemen. “Wat vervelend dat ze je uitlachen”. Wanneer dit keer op keer gebeurt, kan je eens kijken naar het waarom, hoe komt het dat je kind zich iedere keer “laat vangen”? Waarom speelt je kind met die kinderen? Mogelijks kan je zelf daar je kind sterker maken, weerbaarder maken, door bijvoorbeeld te tonen hoe je stop zegt, met een kordate stem en een stevige lichaamshouding.

Leer je kind vooral dat dit niets met het kind zelf te maken heeft. Zo vermijd je die deuk in het zelfvertrouwen die je vaak ziet, wanneer kinderen worden uitgelachen.

Of je gaat voor deze, meer visuele aanpak:

Want hoe je het ook draait of keert, sommige kinderen (volwassenen) worden gepest en andere niet. En hoe hard we ook tegen pesten zijn, en hoe fout het ook is, er schuilen altijd groeikansen in. Meestal voor alle partijen:

  • groeikansen voor diegene die gepest wordt
  • groeikansen voor diegene die pest
  • groeikansen voor de opvoeders, zowel ouders als leerkrachten

Dus ga ermee aan de slag!

Prikkels!

Opname van een gesprek tussen Helga Peeters (mamacoach en opvoedcoach) en Desie Vrints (kindercoach)!

Wat zijn prikkels eigenlijk? Helpt TV kijken om een prikkelgevoelig kind tot rust te laten komen? Moet je je kind afschermen van een overload aan prikkels? Hoe kan je je kind ermee leren omgaan? Wat is het verschil tussen prikkelgevoelig zijn en hooggevoelig zijn?

Vragen die ik kreeg van moeders:

– hoe ga je om met een kleuter van 4 jaar, die overduidelijk rust (minder prikkels) nodig heeft, maar toch steeds maar prikkels blijft opzoeken?

– En hoe kan je een kind dat niet goed tegen teveel prikkels kan weerbaar maken? Omdat deze kinderen toch wat ‘anders’ zijn dan de doorsnee kinderen, hoe zorg je ervoor dat ze zich niet anders/speciaal voelen? Hoe zet je hen in hun kracht, zodat ze zelf kunnen aangeven wanneer het genoeg geweest is?

– Is het zinvol om uit te zoeken of je kind of jezelf hooggevoelig bent? Maw kan die ‘stempel’ een meerwaarde zijn?

Een opname boordevol informatie en tips, enjoy!

Hier heb je altijd rust!

rust in jezelf

We snakken allemaal wel eens naar een beetje rust. Maar nog veel te vaak proberen we dat buiten onszelf te vinden. Proberen we minder werk te hebben, de kinderen wat stiller te houden, gaan we op vakantie.

Allemaal mooi natuurlijk, maar dat geeft je geen rust op dagdagelijkse basis. Geeft je geen “altijd-en-overal-beschikbaar” dosis rust.

Jezelf daarentegen, heb je altijd bij. Bij jezelf kan je altijd terecht. In jezelf, kan er altijd en overal een oase van rust beschikbaar zijn.

Die oase, die moet je wel eerst laten groeien. Zaadjes planten, drupjes water geven. Elke dag opnieuw een beetje. Dan gaat die groeien, en bloeien, en heb jij die fijne plek boordevol rust. Die plek die er altijd is, waar je altijd naartoe kan.

Weerstand en consequent zijn

Deze mama schrijft: ik merk bij mijn dochtertje van 4,5 veel weerstand. Als ze in haar hoofd heeft dat ze iets niet kan, iets niet lust, … dan is het heel moeilijk om haar op andere gedachten te brengen. Ik heb het gevoel dat ze daardoor leuke dingen mist. Consequent zijn vind ik erg vermoeiend, immers hoe meer ik aandring, hoe slechter het lijkt te gaan. Ik ben zoekende in hoe hiermee om te gaan.

Testen?

testen

Deze mama vraagt: “Dag Helga! Ons zoontje is 14 maanden, de leeftijd waarop hij begint te testen. Wat is jouw mening over het “nee zeggen”? Een voorbeeld: hij gaat altijd naar het hondenvoer. We willen niet dat hij eraan komt dus zetten we het weg, maar hoe leren we hem best aan dat hij het niet mag zonder het “nee!” dreigen?”