was successfully added to your cart.

Winkelmand

Category

gratis tips

Pffff… je boze kind

Je bent mama, dus je kent het.

Een boos kind.

Ze mogen boos zijn hé. Oh wat leren we dat graag aan onze kinderen.

Boos zijn is zo helemaal oké.

En je mag boos zijn hé lieverd!

Maar kan het misschien wat stiller, want auw mijn oren.

Het doet zo’n pijn aan mijn oren dat ik er knettergek van word!

En daar sta je dan, met je “boos zijn mag”.

Hoe kan je dan blijven inademen, uitademen, glimlachen, en er zijn voor je kind.

Het lijkt een onmogelijke opgave maar dat is het niet. Je kan dit leren.

Door een buffer te kweken.

Door jezelf te leren hoe jij omgaat met boosheid, zodat je minder getriggerd wordt.

Door een beetje grenzen aan te geven, toch een beetje ja. Om die oren te sparen. Dat mag best. Als het maar gepaste grenzen zijn, iets waar je kind wat mee kan.

Is dat veel werk?

Bwah. Dat valt wel mee. Het is een aanpassing, want je gaat iets anders moeten doen dan je gewend bent om te doen. Maar in opvoeden steek je tijd, of je dat nu wil of niet, met je kinderen rond jou, ben je aan het opvoeden hé. Laten we die tijd zo aangenaam mogelijk maken, ook als je kind boos is. Toch? 🙂

Veel liefs,

Helga

Meer rust nodig?

Geef jezelf de online cursus rust … niet leren, niet doen, wel gewoon ervaren. Moeiteloos.

Creëer meer balans in je leven (beweeg je mee?)

Ben jij ook wel eens op zoek naar wat meer balans in je leven? Meer evenwicht.

Pas dan op, want deze blog / video gaat mogelijks jouw leven veranderen. 😉

De meeste mensen gaan namelijk de mist in als het gaat over in balans zijn, omdat ze rust verwarren met balans. Sta me even toe het je te tonen, met beweging.

Zie je . We zijn vaak zo uit balans, dat we evenwicht verwarren met rust. We verlangen naar rust, we hebben rust nodig, maar rust en balans zijn twee heel verschillende dingen.

Zo lang je beide door elkaar haalt, is de kans heel groot dat je van whoooaaaah die beweging naar ocassionele rust weet te gaan, en weer terug naar whoooaaaaah. Van het ene uiterste in het andere, eigenlijk elke keer opnieuw je evenwicht verliezen, in plaats van vinden.

Zie jij nu beter hoe je meer balans kan vinden in je leven?

Liefs!

Wat te doen als niets werkt

Niets leek te werken.

Alle boekjes gelezen.

Alle tips gevolgd, of proberen te volgen tenminste.

Niets hielp.

Zoonlief leek op geen enkele manier geholpen te kunnen worden, het kind bleef zichzelf pijn doen, waarom toch?

Waar was de les?

Wat moest ze doen met dit kind?

Er leek niets anders op te zitten  dan de boel te accepteren, fingers crossed en hopen maar dat het ooit zou beteren. Zonder enig uitzicht op hoop.

Maar ja…

Never give in, never give up, never quit

Dat is toch mama zijn, nee?

Vergeet alles maar, zei ik. Ga slapen met een leeg hoofd en net voor je in slaap valt, vraag aan jezelf wat je moet doen.

Wat een vreemde opdracht…

Die nacht droomde ze dat ze een derde kind verwachtte. Ze voelde de beweging in haar buik. Achtte het eerst onmogelijk maar draaide de knop om. Alle babyspullen waren al lang weg, er waren nooit plannen geweest voor een derde kind, maar toch was er geen onzekerheid.

Geen angst.

Geen twijfel.

Alleen een diep gevoel van vertrouwen dat ze perfect wist wat ze moest doen. Diep vertrouwen…

Met dat gevoel werd ze wakker. En realiseerde zich dat ze in haar droom het antwoord had gekregen op haar vraag.

Wat moet ik doen met dit kind?

Je moet het dragen.

Je moet het voeden.

En diep voelen dat er geen enkele twijfel is over je kunnen. Dat je dit kan. En nu al doet. Elke dag opnieuw.

Stil aanwezig vs rustig aanwezig

“Je moet gewoon rustig aanwezig zijn.”

Ken je die ?

Rustig aanwezig zijn is de vaardigheid om bij je kind te zijn, op een rustige manier, zodat je kind je rust kan voelen. Zo help je je kind om zelf ook rustig te worden.

Wat betekent deze theorie, in onze maatschappij, waar we – laten we eerlijk zijn – toch vaak te maken krijgen met stress. Een maatschappij ook waar “verbindend communiceren” meer en meer gezien wordt als “de” manier van communiceren, niet alleen naar ons kind toe, maar ook op de werkvloer.

Je kan daar zelfs een cursus over volgen.

En ik schrik dan elke keer dat het stuk “rustig aanwezig zijn” overgeslagen wordt. Rustig aanwezig kunnen zijn is namelijk een essentiële vaardigheid die je nodig hebt om verbindend te communiceren. Zonder dat lukt het niet echt, zijn onze woorden misschien wel verbindend, maar missen we het gevoel waarmee we die woorden opsturen naar de ontvanger. Met alle gevolgen van dien.

Daarom dat zoveel mensen worstelen met de praktijk van verbindend communiceren…

Feit is, de meesten onder ons zijn helemaal niet rustig, wanneer die collega het uithangt, je tiener je het bloed vanonder de nagels haalt, je lagere school kind het echt allemaal gewoon HAAT, je kleuter nog steeds zit te slaan en te schoppen, je peuter alweer een driftbui heeft, of je baby de zoveelste huilbui waar je niets aan kan doen.

We proberen het wel … soms denken we dat we kunnen, maar de waarheid is dat de meeste mensen “rustig aanwezig” gewoon verwarren met “stil aanwezig”.

Stil aanwezig zijn is beter dan terug roepen uiteraard. Stil aanwezig wil zeggen dat je je mond kan houden. Dat je kindlief (of die collega) kan laten uitrazen. Dat je niets zegt waar je later spijt van krijgt. Eerlijk – voor de meesten onder ons is stil aanwezig zijn al een hele prestatie. We voelen het nog wel borrelen vanbinnen, maar we zijn tenminste stil.

En als jij daar bent, weet dan dat het helemaal oké is om daar te zijn. Weet dat stil aanwezig zijn ook een vaardigheid is. Dat je dat eerst moet kunnen, voor je kan leren om rustig aanwezig te zijn. Sommige mensen kunnen dat skippen, maar dan mis je vaak achteraf nog wel een en ander. Zoals eerst kruipen en dan stappen. Tis goed om eerst te kruipen. Je leert daar veel van.

Weet ook dat als stil aanwezig zijn niet goed helpt bij de driftbui van je kleuter, of de huilbui van je baby, of de door hormonen op hol geslagen tiener, dat dat normaal is. Want het is niet rustig aanwezig, het is stil aanwezig.

En je ziet het verschil misschien niet aan de buitenkant, maar je voelt het wel vanbinnen. En alles wat jij voelt vanbinnen, voelt je kind ook. En andere volwassenen voelen dat ook. De ene meer dan de andere … maar tot op zeker niveau voelen we allemaal de emotie van de ander.

Daarom werkt rustig aanwezig beter dan stil aanwezig. Word je bewust van het verschil tussen de twee, voel het verschil bij jezelf, en je kan weer een stapje verder.

Handiger omgaan met eender welke emotie

Angst.

Het woord staarde me aan. In een hopeloze poging om zoonlief te kalmeren na de zoveelste “ik kan echt niks goed doen bui” had ik hem bij de armen vastgepakt en door elkaar geschud. Zacht genoeg om hem fysiek geen pijn te doen, maar schudden is schudden en de wanhoop straalde van ons beide af.

Mijn oog dwaalde af naar de nieuwe weggever op het whiteboard (coming up – 2021) Meer geduld met je kind en alles wat je daarvoor nodig hebt. Wat maakte dat mijn geduld weg was, in dat hopeloze moment? Mijn verstand wist het niet, maar mijn blik dwaalde af en bleef vastberaden rusten op het woord “angst”.

Intuitie.

Buikgevoel.

Dat was het. Het woord staarde me aan alsof het me een slag in mijn gezicht wilde geven. Ja…. Angst. Het klopte. Angst dat het nooit meer goed zou komen. Angst dat ik hem zou moeten afgeven. Angst dat hij dood zou gaan, van de issues die we maar niet onder controle kregen. Waar we niet mee konden helpen.

Angst dat ik simpelweg geen goed genoeg mama was voor hem. En dat ook nooit zou worden. Angst om te falen, te mislukken.

Angst staarde me aan, als een zwart, slijmerig monstertje (monstertje, want niet dreigend genoeg om van weg te lopen). Rechtop staand, met handen in zijn zij en een grijns op de lippen. Alsof ie me aan het uitlachen was

Wat heb ik aan jou, vroeg ik.

Waarom ben je hier,

wat moet ik leren,

wat wil je me tonen?

Het monstertje stormt op me af, pakt me vast en ik duik in mekaar. Word zo klein tot ik in een druppel uit elkaar spat (interessante gewaarwording … helemaal klein worden en dan explosief uit elkaar spatten). Het monstertje laat me los en zet een paar stappen achteruit. Gaat zitten en kijkt me liefdevol aan. Ik ben een plasje water op de grond maar word snel terug groter en kriigt weer vorm.

Ik ben weer groter, kan nu naast mijn monster zitten en de liefdevolle blik ontvangen. Want Angst bedoelt het goed. De ervaring is niet meer en niet minder gewoon iets om van te leren. Zonder oordeel. Misschien kan ik volgende keer meteen met mijn angst gaan zitten.

Naast elkaar, samen zijn, als onderdelen van elkaar, gewoon samen zitten en naar de voorbij drijvende wolken van het leven kijken. Zonder me kleiner te moeten maken. Zonder me te laten overvallen, opeten.

Angst strijkt me liefdevol over mijn hoofd. Vergeeft me voor wat er gebeurd is zodat ik mezelf ook kan vergeven. Zodat ik weer verder kan, een inzicht en ervaring rijker. Gesterkt, in plaats van verzwakt.

Zo kan ook jij aanwezig zijn met een emotie. Geef je emotie een beeld, een vorm. Misschien komt het vanzelf, en als dat niet zo is, beeld het je dan in. Als een kind dat een fantasie verhaal maakt in haar hoofd.

Observeer, kijk wat er gebeurt (of verzin wat er gebeurt), hoe eng het ook lijkt, het is maar een ervaring (zonder oordeel), en je bent veilig. Zo kan je waardevolle inzichten opdoen. Vergeving krijgen wanneer iets niet ging zoals je wou. Zodat je verder kan, en niet hoeft te blijven zitten met schuld, noch schaamte.

Ik wens je een heel fijn nieuw jaar. Boordevol ervaringen, inzichten, rijkdommen op alle vlakken van het leven.

Jij verdient dat.

Boos zijn is … soms best wel handig

Boos zijn is …

… soms best wel handig. Je kind luistert dan plots wél.

… vaak luid.

… soms heel stil. Jaja, beeld en geen klank, dàt zal hem leren.

… zelden constructief. Wel in een gevecht, omdat je dan extra had kan meppen, of weglopen.

Boos zijn geeft je macht. Boosheid, is een vorm van energie. Boosheid, is een explosie, of je het er nu uitlaat of het gewoon stilletjes in jezelf laat ontploffen.

Misschien voelen we ons daarom na boosheid vaak verdrietig. Schuldig. Verpletterd. Kapot. Te neergeslagen.

Want of je doel nu bereikt is of niet, ik durf erom wedden dat je het anders gewild had. Hoe vaak je ook tegen jezelf zegt dat boos zijn OK is, dat je maar een mens bent en niet perfect. Dat je kind dat mag weten.

Maar het voelt niet OK hé. Om die explosie te gebruiken om te krijgen wat je wil. Om de explosie, die altijd wel iets kapot maakt, naar buiten of naar binnen toe te gebruiken om om te gaan met dingen waar je eigenlijk nog niet mee om kan.

Want laten we eerlijk zijn. Dient boosheid niet vooral daarvoor? Hoe vaak gebruiken we boosheid als copingsmechanisme om om te gaan met:

– een kind dat niet doet wat je zegt

– een partner die je niet geeft wat je nodig hebt

– een grens die overschreden wordt

– drukte en lawaai?

Boosheid dient om om te gaan met dingen waar je nog niet mee om kan gaan. Het is een copingsstrategie die je, op langere termijn – zeker wanneer je het vaak gebruikt – compleet kan uitputten. Je kan er zelfs ziek van worden of een burn-out van krijgen. We verbloemen het vaak, die boosheid … We noemen het “stress” of doen alsof het er niet is (“ik ben nooit boos”) of we doen alsof we het OK vinden (tja, iedereen roept op haar kinderen, toch? zo leren ze dat)

Hoe zou het zijn, om hier en nu, vandaag, een andere keuze te maken? Om het gevoel te ontdekken dat je iets te kiezen hebt? Dat je niet moet boos worden?

Zo neem je de bewuste keuze om anders te leren omgaan met wat het ook is dat je boos maakt.

Want het kan anders. Met één hypnose sessie bijvoorbeeld rond boosheid kan je laagjes ontdekken waarvan je niet wist dat ze er waren. En wat je ontdekt, daar kan je wat mee hé. Veel meer dan wat verstopt is in die diepe laagjes van je onderbewustzijn. Hypnose is niet meer en niet minder dan het poortje openzetten naar je onderbewustzijn, door relaxatie en activatie van je rechterbrein.

Meer weten? Laat het me even weten, en ik geef je alle informatie die je nodig hebt zodat je voor jezelf kan beslissen of dit iets voor jou is.

hallo – ad – opvoedenopmaat.com

Zo volg je nog meer je gevoel (met video)

We zeggen het graag als mama: “ik volg mijn gevoel daarin”.

We weten dat dat werkt. Maar je gevoel volgen is niet altijd makkelijk. Soms durf je niet. Soms verwar je je gevoel met iets anders, zoals wanneer je iets niet doet omdat je bang bent. Dat is niet je gevoel volgen, dat is gewoon bang zijn. Of wanneer je je gevoel even volgt, maar dan oordelen van anderen over je heen krijgt, terwijl je net zo hard hunkert naar iemand die je zegt dat het oké is, om je gevoel te volgen. Dat is ook een belangrijke die ons tegenhoudt om ons gevoel te volgen en te blijven volgen, ook wanneer anderen ons niet snappen.

Zo is je gevoel volgen om die en nog zoveel meer redenen, heel erg moeilijk. Of het lijkt moeilijk, omdat je niet weet hoe je het kan leren.

En daarom wil ik graag met jou een moment delen in mijn leven dat heel belangrijk was voor mij om te leren dat ik mijn gevoel echt wel kan en mag volgen. Als illustratie, want ik weet dat jij ook van die momenten hebt gehad al in je leven. Dat het me zoveel mooie dingen al heeft gebracht intussen.

Ik kan je al verklappen  dat het niets met opvoeden te maken heeft. En ik had het makkelijk kunnen negeren, vergeten als zijnde een klein dingetje.

Maar van kleine dingetjes leren we vaak het meest. Kleine dingetjes zijn lieve reminders, aan lessen die we nog mogen leren. En ik weet niet hoe het bij jou zit, maar ik leer liever van kleine, lieve reminders, dan van grote ongelukken of tegenslagen, zoals een burn-out….

Wanneer je de les kan zien in de kleine dingen leer je, zodat je ook de moeilijkere dingen kan. Veel meer op een “oh dit gaat vanzelf manier”. Zoals leren dat één plus één twee is, voor je met algebra begint. Magische dingen gebeuren, wanneer je je ogen opent, en kleine dingen kan zien als belangrijke leermomenten.

Laat me je inspireren door mijn verhaal, dat meer met chocola dan met opvoeden te maken heeft … zodat je het kan gebruiken, meenemen, en toepassen in je eigen leven, voor je eigen situaties. Zodat je kan leren met gratie, genot, gemak en vooral met heel veel plezier.

Je krijgt in de video ook een heel concrete tip die jou gaat helpen om nog meer je gevoel te volgen.

Wat is er mis met onze visie op de Sint?

Toch maar iets schrijven over deze tijd van het jaar. Want het ene na het andere onrustige bericht komt binnen, van al die ouders van gevoelige kinderen die weer extra worstelen deze tijd van het jaar.

Elk jaar hoop ik op andere dingen en elk jaar is het toch weer van dat. Wat moeten onze gevoelige kinderen leren, in deze tijden van “stout zijn”, “spiekpietjes” en misschien niet krijgen wat je graag wil hebben?

Sint lijkt veel groter dan wanneer ik kind was. We hadden chocola, en kadootjes, al waren dat vaak nuttige kadootjes. Ik zie nog zo voor me dat nieuwe paar schoenen bij de schoorsteen.

Spiekpietjes hadden we niet. Gelukkig maar. Het was al erg genoeg dat de Sint alles wist. Laat staan dat er zich nog eens spiekpietjes onder je bed moesten verstoppen of in de kast. Dat voelt toch veel dichter bij, en veel enger. We hadden ook geen Sinterklaasjournaal, en de boot, die kwam gewoon aan in gedachten, niet op TV met beeld en klank.

Is het de maatschappij, die alles groter, beter, enger, “leuker” wil maken? Zijn we zelf als volwassene gevoelsmatig zo afgestompt, dat we meer prikkels nodig hebben om uberhaupt nog iets te voelen?

Introduceren we daarom nog meer spanning, in de overtuiging dat het voor onze kinderen op die manier leuker wordt? 

Vergetend dat onze kinderen nog niet afgestompt zijn en dus veel meer voelen? Vergetend dat kinderen bij een suggestie veel meer beeld en klank in hun hoofd en lijfje krijgen dan wij?

Mag Sint ook gewoon Sint zijn? Met wat lekkers en een geschenkje, eventueel. Lekker lief en luchtig? Kunnen we elk kind toestaan zoveel of zo weinig binnen te nemen als ze wensen, zodat het gewoon leuk kan blijven? Misschien kan het op school wat minder, omdat je daar nu eenmaal niet zo selectief kan zijn en aanpassen op maat van elk kind? Kunnen we op school naar een “minimum” gaan, in plaats van naar een “maximum”, en ouders zelf thuis laten toevoegen op maat van het kind?

Een Sint zonder nachtmerries, zonder extra onrust ‘s avonds, zonder extra natte bedden, … met gewoon wat meer blije gezichtjes. De Sint als een lieve man met een hart voor kinderen. Een lieve man die kan zien dat alle kinderen braaf zijn. Dat kinderen soms wel eens iets “stout” doen, maar het niet zijn.

Hoe zou dat zijn?

En hoe zou het zijn moesten we met z’n allen kunnen weerstaan aan de behoefte om de Sint te gebruiken als drukmiddel. Moesten we het hele jaar door gewoon kunnen intappen op ons eigen liefdevol en natuurlijk leiderschap, om op een handige manier te kunnen samenleven met onze kinderen.

Zonder te moeten zeggen “je weet toch dat de Sint alleen maar komt bij brave kinderen, die goed luisteren”.

Hoe zou dat zijn …

Stekelhaartjes

Een deur gaat open. Ik hoor voetjes trippel trippel op de trap. Mijn hart maakt een sprongetje van vreugde.

Zou het?

Misschien gaat hij gewoon even plassen, zo midden in de nacht. Of een slokje water nemen in de badkamer. Maar nee … de deur gaat open en mijn hart springt nog een beetje hoger.

“Mamaaaaaah?”

“Ja lieverd?”

De intussen alweer negen jaar oude voetjes (waar gaat de tijd toch heen – en ja het zijn nog voetjes, in tegenstelling tot grote broer wiens voeten even groot zijn als die van mij) staan naast mijn bed.

“Ik heb een enge droom gehad” en terwijl hij het zegt, kruipt hij al op bed. Manlief en ik zeggen bijna in koor “kom maar” en ik sla het donsdeken terug en verwelkom zoonlief in bed. Ik vind het even ongelofelijk grappig dat ik het hart van manlief ook een sprongetje voel maken, net als het mijne. Vroeger was hij toch minder fan van het samen slapen, herinner ik me. 😉

Zoonlief nestelt zich tegen me aan, en ik voel zijn stekelhaartjes (je weet wel, zo die haartjes die overeind staan wanneer een kind geslapen heeft) kriebelen in mijn neus. En ik geniet met volle teugen van die stekelhaartjes, het warme lijfje en de moederliefde die – nog veel intenser dan anders – door mijn lijf stroomt.

Het doet me denken aan een bericht dat ik onlangs las, van een mama wiens kind apart ging slapen. Ze was stiekem bang dat het kind zou gaan doorslapen. Hoe erg de nachten ook waren, hoe hard we het soms ook beu zijn, er is altijd dat stukje dat kan genieten van dat slapende bolletje naast je. Ook al zit dat stukje mama soms heel erg diep verstopt onder een hele hoop slapeloze nachten. Toen wij “daar” waren, hielp het me altijd om dat kleine stukje mama te blijven zoeken in mezelf. Vaak vond ik het wel. Soms ook niet. Vaak wel.

Ik vertelde die mama dat haar kind heus nog wel eens bij haar in bed zou kruipen. Als gezegende mama van al wat oudere kids, weet ik dat. Ik weet hoe het is om een kind jaren en jaren in je bed te hebben, al dan niet aan je borst. Ik weet hoe het is om afscheid te moeten nemen van die jaren, omdat je voelt dat je kind eraan toe is of omdat je gewoon heel graag je bed terug wil. Ik weet hoe dubbel dat kan voelen en hoeveel pijn het kan doen, wanneer je even vergeet om toe te kijken naar je kind vol bewondering.

Ik weet ook hoe hard het genieten is, wanneer die voetjes in het midden van de nacht toch nog eens tot bij jou komen. Dat is onbeschrijfelijk. En ik wou, dat wat ik onlangs voelde in bed, dat ik dat gevoel kon meegeven aan al die mama’s die nu nog zitten met dat dubbele gevoel van “o nee”. Ik ben er zeker van dat dat zo hard zou helpen.

Vertrouw erop lieve {$name}, dat alles wat jij nodig hebt aan mama liefde, dat dat naar je toe komt, op de een of andere manier. In elke fase van het leven van je kind. Misschien op een andere manier dan je nu verwacht, misschien op een moment dat je het minder verwacht.

Maar de liefde tussen een mama en een kind, of een papa en een kind, dat is zo bijzonder, dat het altijd aanwezig is, en altijd in overvloed naar je toe komt … je hoeft het alleen maar te kunnen ontvangen.

Wil je moederliefde kunnen voelen? Wil je meer moederliefde in je hart kunnen ontvangen?

Zeg dan ja, nu, hier, samen met mij.

Ja.

Ja, ik wil dat.

Sluit je ogen en voel hoe het nu al zo is.

Hou je ogen open voor opportuniteiten de komende uren en dagen. Je gaat ontvangen wat je verlangt, wat je nodig hebt.

Zeker weten.

Stop met naar je kind te luisteren!

Wat?

Wat schrijft Helga nu weer.

Maar je leest het goed. Ik verklaar me even nader. We hebben nog een week herfstvakantie voor de boeg. Voor alle kinderen die ooit droomden van een langere vakantie, wel, … dromen komen soms uit! De omstandigheden hadden misschien handiger gekund, maar kom. Ik wijk af.

Nog een week herfstvakantie dus. Nog een week vaak kinderen thuis, tenzij er toch kampje is. Ouders die eigenlijk wel weer moeten werken (of nog steeds aan het werken zijn). En dan hoor je heel erg vaak:

“mamaaaaaaaaaaaaaaaa, ik verveel me”.

Dus laten we die even als voorbeeldje nemen. Sommige ouders schieten erop in kramp. Anderen slepen een hoop nieuw speelgoed aan. Nog anderen zeggen “laat ze maar even vervelen, dat is gezond”.

En je weet {$name} dat ik de laatste ben om te stellen dat je problemen voor je kind moet oplossen. Maar goed, ze zijn nog altijd kinderen, dus wanneer is vervelen nu oké en wanneer is het niet meer oké?

Dan is het zinvol om te stoppen met luisteren. Je stopt met te luisteren naar de woorden. In de plaats daarvan, ga je kijken. Kijk naar het lijfje van je kind.

Hangt je kind ergens op of aan, met een ontspannen lijfje? Dan hoef je niets te doen. Dan is vervelen gezond en ontspannend. Het komt vanzelf wel weer.

Maar wanneer je je kind tegelijk ook ziet rondjes lopen, nagels ziet bijt, nerveus op en neer ziet springen, … zie je met andere woorden ook een hele hoop onrust in het lijfje, en dan is het wel zinvol om eens te kijken wat er nu aan de hand is en hoe je je kind kan helpen.

Zodat er weer ontspanning kan zijn.

Neem ‘m mee deze tip voor volgende week. Voor wanneer je kind zegt dat het zich verveelt. Of eender welke andere situatie want de toepassing hiervan is natuurlijk eindeloos en kort samengevat betekent het:

Het lijf zegt meer dan de mond.

Of non-verbale communicatie zegt meer dan verbale communicatie. Dat is een feit.