was successfully added to your cart.
Category

gratis tips

Zelfzorg: een nieuw kader

Reframe: een nieuw kader maken

Onze generatie is opgevoed door een generatie van mensen die over het algemeen hard werken en minder afleiding hadden dan wij vandaag. Je herkent vast wel:

  • eerst huiswerk, dan spelen
  • eerst werken, dan rusten
  • voor niks komt de zon op
  • boontje komt om zijn loontje
  • voor wat hoort wat

Allemaal voorwaardelijke dingen. Eerst dit en dan pas dat. Onze opvoeding was dan ook – niet verwonderlijk eigenlijk, aangezien de gangbare opvoeding vaak een reflectie is van wat leeft in de maatschappij – voorwaardelijk. Je kreeg wat als je “flink” was. En bij “flink” hoorde altijd wel iets van niet gezien worden, of niet gehoord worden, want dan hadden onze ouders nog meer werk met ons en ze hadden al zoveel werk. Dus graag stil zijn en je plan trekken.

Ik vraag me wel eens af waar dat voorwaardelijke vandaan komt. Want natuurlijk is het niet. Een logisch gevolg, dat is natuurlijk. Wanneer onze voorouders niet op jacht gingen, wanneer ze niet samenwerkten als een groep waarbij elk zijn of haar talenten kon gebruiken, dan was er minder eten, zo simpel was dat. Misschien zijn we dat “simpele” kwijt. Ik merk dat in de opvoeding van onze kinderen ook. Speelgoed stuk? We maken het wel, of je krijgt wat nieuws. Kapot is niet meer kapot, en dingen zijn zelden echt weg. Want alles is vervangbaar, doorgaans zelfs met een paar muisklikken. We hoeven niet eens meer de deur uit.

In deze context, hebben wij als ouder een belangrijke taak, zowel voor onszelf als voor ons kind. We moeten als het ware het concept “zelfzorg” opnieuw gaan definiëren, zodat het past binnen dit onvoorwaardelijk kader. We moeten wat we leerden over zelfzorg (eerst werken en dan rusten) gaan herkaderen, in een nieuw kader plaatsen. Want het werk is niet meer ooit gedaan. Er is zoveel, omdat er zoveel meer mogelijkheden zijn en dingen om te doen. Er is geen “eerst en dan” meer, want wat eerst “moet”, is nooit klaar. En zo kom je niet aan die “dan” toe.

Dit is nu al belangrijk voor ons vandaag, in deze maatschappij. Maar mogelijks nog veel belangrijker voor onze kinderen, in de maatschappij van morgen. Want het ziet er nog niet meteen naar uit dat het rustiger wordt, integendeel. Er komen nog steeds meer mogelijkheden, nog steeds veel meer prikkels. We zijn het kader kwijt, als in wat nog normaal is binnen menselijke grenzen. Wanneer je het gemiddelde takenpakket ziet wat de doorsnee ouder te verwerken krijgt op een dag (werken – relatie onderhouden – kinderen – huishouden – sociale contacten – …), dan is dat vaak “gewoon” teveel. Maar we denken dat iedereen het zo doet, dus dat ook wij het moeten kunnen.

Misschien is de hamvraag wel:

Wens jij dit ook voor je kind? Dat hele takenpakket? Gecombineerd met “eerst werken en dan rusten”? Hoe zou dat gaan?

Of wil jij je kind graag helpen om de balans te vinden, aan genoeg rust te komen, lief te zijn voor zichzelf, en te leren dat je ook mag rusten, wanneer het werk nog niet klaar is. Dat “klaar” een variabel begrip is, dat je zelf kan en mag invullen. Dat een hoge lat niet altijd een betere lat is. Ja? Dan is het jouw taak om zelfzorg een nieuw kader te geven, een onvoorwaardelijk kader.

Een onvoorwaardelijk kader dus … ook voor jezelf

We zien dat, in deze maatschappij, mensen vaker en vaker kiezen voor een onvoorwaardelijke opvoeding. Je leert je kind wel dat er – logischerwijze – gevolgen zijn van een bepaald gedrag, en misschien waarschuw je daar ook wel voor, maar je doet dit vanuit vertrouwen, vanuit een leiderschapsstandpunt. Je voelt je een leider die het beste voorheeft met het hele gezin, en je handelt vanuit dat standpunt. Onvoorwaardelijk, zonder dreiging en zonder angst.

Hoe komt het, dan meer en meer mensen kiezen voor dat onvoorwaardelijke? Voor mij is dit simpelweg de behoefte van deze maatschappij die boven water komt drijven. Maar mensen staan daar vaak niet bij stil, doen dit onbewust. Maar ook deze vorm van opvoeden is een reflectie van deze maatschappij. We willen geen voorwaarden meer. We willen doen wat we willen, wat we vinden dat nodig is. We ontwikkelen (herontdekken eigenlijk) ons innerlijk kompas.

Een nieuw kader voor zelfzorg

Het is dus tijd om je focus te verleggen van het werk (als het klaar is dan …) naar de rust. Soms is het helpend om hier tijdelijk, voor zolang je dat nodig hebt, voorwaarden aan te koppelen, zeker als je voorwaardelijk bent opgevoed. Maar je doet dit vanuit rust.

Bijvoorbeeld: ik ga nu rusten, en daarna, als ik genoeg gerust heb / binnen een half uur ga ik de afwas doen.

Dit is een vorm van zelfliefde, en vooral van zelfrespect. Jezelf graag zien, jezelf de moeite waard vinden. Van jezelf een prioriteit durven maken.

Ik zeg wel eens, “geen tijd bestaat niet”. En ik daag je uit, vervang elke gedachte “ik heb hier geen tijd voor” door “dit is geen prioriteit voor mij”. Want eigenlijk is dit hetzelfde. Als iets de hoogste prioriteit krijgt, dan is er altijd tijd voor. Wanneer je dit doet voor je zelfzorg (“ik heb geen tijd om te rusten vervangen door rusten is voor mij geen prioriteit”) dan krijg je een heel andere klank en waarheid in je hoofd. Vaak is het precies die klank die mensen nodig hebben om de knop om te draaien en voor zichzelf te gaan zorgen.

Omdat ze zichzelf eindelijk als een prioriteit gaan zien.

Verschillende soorten zelfzorg

Ik merk vaak dat de gedachte leeft bij mensen dat zelfzorg leuk moet zijn. Dat klopt niet, en ook wanneer je die klik maakt, kom je weer beter aan zelfzorg toe. Je gaat een wandeling maken omdat je weet dat het goed voor je is, niet omdat je er zin in hebt op dat moment.

Dit is ook een reden waarom velen niet aan voldoende zelfzorg toekomen, dat is omdat voor sommige soorten zelfzorg, je wel degelijk uit je comfortzone moet komen, en discipline wat moet opbouwen, wil je de routine opbouwen. Een goede zelfzorgroutine. En om die op te bouwen, moet je werken aan mindset en veerkracht.

Daarom is het nodig om jezelf te kunnen complimenteren voor een goede zelfzorg. Daarom is jezelf lui vinden, gelijk aan jezelf in een negatieve spiraal helpen.

Zo vlieg je vooruit in je zelfzorg

Net omdat niet alle soorten zelfzorg leuk zijn, is het belangrijk om te weten waarom je het dan zou doen. Anders ben je niet onvoorwaardelijk gemotiveerd. Je moet voelen vanbinnen, waarom je dit doet, ook als het niet leuk is (maar wel nuttig).

Dus zorg ervoor dat je weet waarom je het doet, goed voor jezelf zorgen. Wat zijn je hogere doelen in het leven? Wat wil je bereiken? Op welke manier gaat de wereld een betere plek zijn, wanneer jij er niet meer bent? Als je dat weet, kan je je dagelijkse acties daarop afstemmen. Alignment heet dat. Mensen die niet goed aan zelfzorg kunnen doen, mensen met een burn-out of een neiging tot burn-out, hebben bijna allemaal problemen met alignment. En geen alignment hebben, geeft je “lekken”, en met die lekken, kan je aan zelfzorg doen zoveel je wil, je vatje geraakt nooit vol. Je wil dus een goede alignment hebben.

Klinkt dit nog zweverig, of weet je het helemaal niet? Dan hoef je je er geen kopzorgen over te maken, want je doelen vinden in het leven is niet zo moeilijk als wat veel mensen je graag willen laten geloven… Begin met jezelf te leren zijn, gelukkig te zijn, te stralen voor anderen in je omgeving. En dan komt de wetenschap van wat jouw doelen zijn, als vanzelf naar je toe in de loop van de tijd.

Daarnaast gebruik je routines als vangnet. Routines moet je opbouwen, en dat duurt een paar maanden. Je hoeft niet alle routines tegelijk op te bouwen, het is en mag een proces zijn, als je maar ergens begint en leert hoe je kan doorzetten. Leren doorzetten, heeft met veerkracht te maken. Je hebt veel veerkracht als je goed omkan met je emoties, dus ook daar is er een verband.

En zo kan je met heel veel zaken effectief aan de slag om je zelfzorg te verbeteren! Veel meer dan alleen maar “zoeken wat je leuk vind en tijd maken daarvoor in je agenda”. Dat is het gangbare advies waarmee velen er niet geraken, dus … Aan de slag!

Zelfzorg en grenzen stellen

Deze week hadden we het in de Facebookgroep en ook per e-mail over het thema “zelfzorg & grenzen stellen”. Grenzen stellen in de betekenis van “aan het gedrag van je kind / de behoeften van je kind om voor jezelf te zorgen”.

Ik kreeg vele reacties in de Facebookgroep en ook per e-mail, en op basis daarvan schreef ik deze blog met tips, met een filmpje erbij.

Tip 1: geef aan jezelf wat je geeft aan je kind

Ik merk vaak dat mensen ergens de overtuiging of de mindset hebben dat het ofwel zorgen voor jezelf is ofwel zorgen voor je kind. Maar veel kan gewoon samen, je kan zorgen voor jezelf én voor je kind. Wanneer zelfzorg voor jou nog moeilijk is, omdat je je schuldig voelt bijvoorbeeld, dan kan dit alvast helpen om toch beter voor jezelf te zorgen.

Bijvoorbeeld: je snijdt fruit voor je kind, en ook voor jezelf. Even samen fruit eten en relaxen.

Of samen kleuren, kan ook voor jou ontspannend zijn. Of de baby (of peuter of kleuter) voeden in de zetel, met een lekker drankje erbij en een knabbeltje. Daarna samen een dutje doen.

Vervang “ik heb daar geen tijd voor” door “dat is geen prioriteit voor mij” en je gaat merken hoe hoog of hoe laag je jezelf zet op het zelfzorgladdertje…

Tip 2: Samen

Doe samen iets wat JIJ leuk vind, en wat je kind kan meedoen. Jij kiest. Leg dit uit aan je kind: “soms kies ik, soms kies jij”. Zo leer je je kind ook weer waardevolle dingen.

Dit is ook een mooie kans om het kind in jezelf te gaan herontdekken. Wat doe jij eigenlijk graag?

Tip 3: wat wil je leren?

Vraag jezelf af wat je wil leren aan je kind. Goed voor jezelf kunnen zorgen, is heel erg belangrijk in de maatschappij van vandaag, waar iedereen het zo druk lijkt te hebben. Binnen een jaar of tien, twintig, wanneer jouw kind groot is, zal dit waarschijnlijk nog erger zijn. Het is dus misschien wel essentieel, dat jij je kind leert om voor zichzelf te zorgen.

Een voorbeeld geven helpt dan altijd wel. Je kan ook eens kijken naar je eigen mama, hoe was het bij jou vroeger thuis gesteld met de zelfzorg? En wil je dat doorgeven aan je kind, of niet?

Tip 4: Focus verleggen als positieve hulp bij loslaten

Door je kind “alleen” te laten (lees: in de zorg van een andere, liefdevolle volwassene) leer je kinderen vertrouwen hebben in anderen. Leer je zelf om vertrouwen te hebben in anderen. Je kan toekijken vol bewondering naar je kind, dat hij of zij al zo groot is dat dit kan, dat hij of zij al zo mooi kan aangeven wat nodig is, ook bij een andere volwassene.

Je kan dankbaar kijken naar die andere volwassene, dat die voor jouw kind wil zorgen. Je kan toekijken vol bewondering, naar een papa die het zo graag goed wil doen (ook al is het met vallen en opstaan ;-)).

Tip 5: vertragen

Onze hoofden zitten soms zo vol, er is zoveel te doen en ons leven gaat maar door en door en door…

Soms moeten we even stoppen, om te kunnen zien en voelen wat er aan de hand is, en of het echt wel met ons gaat. En vaak moeten we eerst even vertragen, alvorens we kunnen stoppen.

Filmpje!

Met nog meer uitleg over deze tips. Enjoy!

Uitlachen en verbaal geweld

“Uitlachen” is iets anders, wanneer je twee bent of wanneer je een tiener bent. Uitlachen bij jonge kinderen is eerder grenzen opzoeken, of ook vaak ontlading, wanneer kinderen iets erg spannend vinden (een boze mama bijvoorbeeld, dat is ook een beetje eng, en vaak gaan ze dan lachen omdat ze het eng vinden).

Wat kan je doen als je kinderen verbaal geweld tonen? Waarom komt dit vaker voor als je kinderen al ietsje ouder zijn (lagere school leeftijd)? Wat mogen deze kinderen (en hun ouders ;-)) nog leren? Is negeren een oplossing?

Antwoorden kan je zien en horen in het filmpje!

Wat te doen met 2 broers in conflict?

Dit is ook een mooi onderwerp om eens wat over te zeggen. Het was ook weer een vraag van een mama in de Facebookgroep.

Conflicten tussen kinderen zijn onvermijdelijk. Conflicten onder broers en zussen vaak alledaagse kost. En dat is oké, ook dat is het oefenen van sociale vaardigheden, leren luisteren naar elkaar, compromissen sluiten enzovoorts. Een hele reeks aan groeikansen, jeeej… 😉

En als mama probeer je dan, wanneer je het “hoort aankomen” eerst te denken aan je eerstvolgende vakantie. Hmmm… Je hoeft niet altijd tussen te komen, zeker niet zolang beide partijen nog met elkaar aan het praten zijn. Praten geeft ruimte voor oplossingen en compromissen.

Maar goed. Dan heb je daar dat moment dat ze mekaar in de haren vliegen. Roepen, schreeuwen, tieren en misschien zelfs schoppen, slaan of ronduit vechten. Op zich kan dat dan wel eens gebeuren denk je dan, maar als dit een terugkerend patroon wordt, oh zo vermoeiend en absoluut niet fijn noch helpend.

Wat kan je dan nog doen?

Een andere, meer helpende kijk op pesten

pesten

Een mama vroeg me om iets te schrijven over:

 

“omgaan met kinderen die het niet goed bedoelen met jouw kind”
(bijvoorbeeld vragen om te komen spelen om te kunnen uitlachen)

Bij deze. 🙂

Kinderen zijn hard voor elkaar.

Volwassenen soms ook wel, maar die beschikken in principe over meer (sociale) vaardigheden om een en ander te kunnen inschatten en opvangen. Kinderen hebben deze vaardigheden nog niet.

Babies en peuters spelen naast elkaar.

Ze interageren niet echt met elkaar, ze gaan wel eens voor het stuk speelgoed dat de ander vast heeft, maar echt samen spelen zien we meestal pas later, in de kleuterklas. Gaandeweg leren kinderen samen spelen, en haast automatisch komen daar plagerijen bij, pesterijtjes, uitdagen, … . Door trial en error leren ze wat kan en wat niet kan bij elkaar, en bouwen ze sociale vaardigheden op. Kinderen die een kind vragen om te komen spelen, en het vervolgens uitlachen, die zijn ook volop aan het testen wat nu leuk is, en wat aanvaardbaar is. Hee, dit is een leuk spel! Wij vinden dit leuk! Dat de ander dat niet zo leuk vind, dat is een tweede stap die niet altijd gezet wordt, zeker als kinderen nog erg jong zijn.

Nu heb je wel wat nodig, om sociale vaardigheden te kunnen opbouwen.

Je hebt empathie nodig, want je moet je kunnen inleven in de ander, om te begrijpen dat wat jij doet voor de ander misschien niet leuk is. Je moet gelaatsuitdrukkingen kunnen herkennen (is de ander boos, verdrietig, blij). Je hebt wat beheersing nodig, anders kom je niet tot een over en weer communicatie van afwisselend praten en luisteren, en kan je dus ook niet leren afspraken maken.

Best ingewikkeld dus allemaal.

Wanneer je merkt dat je kind hard wordt aangepakt door andere kinderen, is het handig om dat kader in je achterhoofd te houden. Ze zijn sociale vaardigheden aan het opbouwen, en dat is een leerproces. Zeker bij kinderen van de lagere school is dat volop aan de gang. De andere kinderen doen het niet persé om te pesten. Dat kan helpen kaderen, zodat jij rustiger met de situatie om kan gaan. Zeker als je dit zelf ook ervaarde als kind, kan het zijn dat je hier flink getriggerd wordt… en dan gaat jouw verstand ook weer uit.

Maar goed, hoe kan je daar nu mee omgaan?

Uiteraard zeg je er wat van tegen de leerkracht op school, als dit op school gebeurt. Maar de kans is klein dat het probleem daarmee opgelost wordt. Idealiter gaat iemand aan de slag met die andere kinderen, en ook met jouw kind, maar de realiteit is anders. In de realiteit, kan jij vaak enkel aan de slag met jouw kind. In ieder geval is dat altijd een mooi begin.

Je kan het gevoel van je kind erkennen, je kind au serieux nemen. “Wat vervelend dat ze je uitlachen”. Wanneer dit keer op keer gebeurt, kan je eens kijken naar het waarom, hoe komt het dat je kind zich iedere keer “laat vangen”? Waarom speelt je kind met die kinderen? Mogelijks kan je zelf daar je kind sterker maken, weerbaarder maken, door bijvoorbeeld te tonen hoe je stop zegt, met een kordate stem en een stevige lichaamshouding.

Leer je kind vooral dat dit niets met het kind zelf te maken heeft. Zo vermijd je die deuk in het zelfvertrouwen die je vaak ziet, wanneer kinderen worden uitgelachen.

Of je gaat voor deze, meer visuele aanpak:

Want hoe je het ook draait of keert, sommige kinderen (volwassenen) worden gepest en andere niet. En hoe hard we ook tegen pesten zijn, en hoe fout het ook is, er schuilen altijd groeikansen in. Meestal voor alle partijen:

  • groeikansen voor diegene die gepest wordt
  • groeikansen voor diegene die pest
  • groeikansen voor de opvoeders, zowel ouders als leerkrachten

Dus ga ermee aan de slag!

Prikkels!

Opname van een gesprek tussen Helga Peeters (mamacoach en opvoedcoach) en Desie Vrints (kindercoach)!

Wat zijn prikkels eigenlijk? Helpt TV kijken om een prikkelgevoelig kind tot rust te laten komen? Moet je je kind afschermen van een overload aan prikkels? Hoe kan je je kind ermee leren omgaan? Wat is het verschil tussen prikkelgevoelig zijn en hooggevoelig zijn?

Vragen die ik kreeg van moeders:

– hoe ga je om met een kleuter van 4 jaar, die overduidelijk rust (minder prikkels) nodig heeft, maar toch steeds maar prikkels blijft opzoeken?

– En hoe kan je een kind dat niet goed tegen teveel prikkels kan weerbaar maken? Omdat deze kinderen toch wat ‘anders’ zijn dan de doorsnee kinderen, hoe zorg je ervoor dat ze zich niet anders/speciaal voelen? Hoe zet je hen in hun kracht, zodat ze zelf kunnen aangeven wanneer het genoeg geweest is?

– Is het zinvol om uit te zoeken of je kind of jezelf hooggevoelig bent? Maw kan die ‘stempel’ een meerwaarde zijn?

Een opname boordevol informatie en tips, enjoy!

Wanneer volg jij niet je gevoel?

gevoel

Je gevoel volgen, veel ouders vinden dat het erbij hoort, de dag van vandaag. “Doe niets wat niet goed voelt”, hoor je dan wel eens. En ik geef toe, ik zei het vroeger ook wel, tegen moeders. Uiteindelijk, je wil het beste voor je kind, en als het niet goed voelt, dan klopt het niet, of wel?

Na jaren begeleiding geven durf ik vandaag zeggen dat je gevoel niet volgen, soms net een heel goed idee is…

Wanneer je in een bepaalde situatie het gevoel hebt dat je zus of zo moet handelen, en dat voelt goed om het zo te doen, dan heb je groot gelijk. Door je gevoel te volgen op zulke momenten, krik je je zelfvertrouwen op, zie je heel vaak ook dat het gewoon goed is. Wanneer het goed voelt, dan is het heel vaak gewoon goed.

Maar wanneer het niet goed voelt, wil dat absoluut niet zeggen dat het misschien toch geen goed idee is…

De afgelopen zomer gaf ik ons gezin het geschenk van wat opvoedondersteuning. Veel weten over opvoeden is immers één ding, er middenin staan en dan nog weten hoe je best handelt, iets heel anders. Dus eenmaal ik mijn ego opzij kon zetten 😉 was het niet zo moeilijk om verschillende mensen te bedenken die ons gezin misschien wel zouden kunnen ondersteunen. Ik ken er toch een hoop, dus dat zou makkelijk zijn, dacht ik. Gewoon even alles op een rijtje zetten, ieders kwaliteiten even bekijken, weten wat ik zelf wou, en dan kiezen.

Bleek dat ferm tegen te vallen. Want niemand voelde eigenlijk echt goed. Dus bleef ik zoeken naar iemand waarmee het wel goed zou voelen, waarmee het wel helemaal zou klikken.

Tot ik mezelf een heel belangrijke vraag stelde…

Wat is er nodig zodat dit goed kan voelen?

En toen ik me nog wat dapperder voelde:

Wat heb ik nodig, zodat dit goed kan voelen?

Het feit dat het voor mij niet goed voelde, had niets te maken met die andere mensen. Het had alles te maken met mij. Want als er iemand meekijkt naar de opvoeding van je kinderen, dan stel je jezelf wel heel kwetsbaar op. Ik moest mezelf heel kwetsbaar opstellen. En dat kon ik alleen maar met iemand die ik vertrouwde. Maar kon ik wel iemand vertrouwen? Ik was bang voor de oordelen (die ik niet zou krijgen). Ik was bang om de fouten te zien die ik had gemaakt (niemand is perfect, toch?).

Hoe zou het zijn, om me kwetsbaar op te stellen bij iemand die ik eigenlijk niet helemaal vertrouw (een beetje wel, maar toch…)? Wat was eigenlijk het ergste dat er kon gebeuren (=> en gekwetst ego).

Dus deed ik wat niet goed voelde. Keek naar binnen en zorgde voor mezelf. En na een poosje voelde het zo goed, zo goed! En ben ik dankbaar.

Bovenstaande is maar een voorbeeld, maar je kan dit principe toepassen op eender welke situatie waarbij je twijfelt of je je gevoel moet volgen.

Stel jezelf simpelweg de vraag:

Wat is er nodig zodat dit goed kan voelen?

En wanneer je je heel erg dapper voelt:

Wat heb ik nodig, zodat dit goed kan voelen?

Deel de momenten waarbij je twijfelt of je je gevoel wil volgen hieronder of in de Facebookgroep. Of stuur me een e-mail, naar hallo@opvoedenopmaat.com . Ik hoor graag van je!

7 dagen plezier met je kind voor meer inzicht in jezelf

meer plezier kind

Plezier maken… misschien is het iets dat kinderen gewoon veel beter kunnen dan volwassenen. Kinderen maken vaak nog ‘vanzelf’ plezier. Ze trekken gekke bekken, zingen liedjes, vertellen mopjes… . Misschien zijn wij volwassenen te druk bezig om plezier te maken. Zijn we saai geworden. Zijn we het kind in onszelf kwijt, vergeten.

Waarom plezier maken?

Lachen is gezond, zeggen ze, en dat klopt helemaal. Fysiologisch gebeuren er allemaal goede dingen wanneer je lacht. Ook emotioneel is lachen een opkikker. In het leven met je kind, is lachen ook een vorm van ontlading na een drukke dag. Is het ook een vorm van verbinding maken met je kind, wanneer je beiden kunt lachen om hetzelfde. Plezier maken is ook een manier om zelf opnieuw wat vrolijker in het leven te staan. Mag het een beetje minder druk, mag het wat minder serieus allemaal? Kun je jezelf dat toestaan?

Wat je aandacht geeft, groeit.

Wanneer je elke dag drie foto’s neemt van iets moois dat op je pad komt, ga je meer moois zien. Wanneer je elke dag drie dingen opschrijft waarvan je vindt dat je ze goed gedaan hebt, groeit je zelfvertrouwen. Wanneer je elke dag dankbaar kan zijn voor kleine dingen, ga je meer ontvankelijk in het leven staan. Gaat het gemakkelijker worden om te ontvangen.

Met plezier maken is het ook zo. In het begin is het moeilijk om te bedenken waar je nu eens over zou kunnen lachen. Want het leven is zo serieus (werken, rekeningen betalen, etc.). Maar oefening baart kunst. Eenmaal de eerste horde genomen, gaat het vaak al een pak beter.

Tips voor 7 dagen plezier!

Kinderen zijn vaak beter in plezier maken, dus is het een eerste logische stap om eens te kijken hoe je kind plezier maakt. Misschien kun je meedoen, of een tip vragen aan je kind.

Je zou een mop kunnen tappen, aangepast aan de leeftijd van je kind. Ook al lijkt dat voor jouw een flauwe mop dan, wanneer je begint te vertellen, en je kind doet mee, dan wordt het vanzelf wel leuker. Inspiratie vind je online, of haal je uit een moppenboekje van de bibliotheek (bijvoorbeeld). Je kan een mop vertellen tijdens het douchen, wanneer je kind ook in de badkamer is. Tijdens een rit in de auto of onderweg. Het kost geen extra tijd, alleen een positieve intentie om meer plezier te maken.

Maak plezier met je kind, met jezelf en met anderen. Waar word jij zelf vrolijk van? Waarmee kunnen anderen jou aan het lachen brengen? Hoe kan jij anderen aan het lachen brengen? Misschien kun je, bijvoorbeeld aan de schoolpoort, wanneer je je kind gaat afhalen, een anekdote vertellen aan de mama naast jou. En zo samen lachen, ook al ken je elkaar nog niet zo goed. Of zie je iets grappigs gebeuren, bijvoorbeeld onder twee kinderen. Zeg er iets van, lach samen.

Wanneer je je dapper voelt, doe dan eens iets geks. Maak een vreugdedansje op straat, enkel en alleen maar omdat je net je lievelingsbloem tegenkwam. Glimlach, wanneer je een vreemde blik krijgt van anderen die dat zien.

Of doe mee, met de geluiden van je kind. Whie-whie-whie! Daar komt de brandweerauto aan! Hoe klinkt jouw speciale sirene?

Terwijl ik dit schrijf, komt de herinnering bovendrijven van een wiegeliedje over een brandweerman dat ik zong voor mijn kinderen, toen ze baby waren… Om blij van te worden!

Laat het inzicht maar komen.

Ik daag je uit, probeer het een keer, zeven dagen meer plezier maken. En observeer wat er met je gebeurt. Meer lachen en meer plezier maken, betekent vaak dat je meer over jezelf te weten komt. Je herontdekt wat leuk was. Je ontdekt opnieuw een stukje kind in jou. Leuke herinneringen aan vroeger komen bovendrijven. Bovenal, ontdek je je eventuele weerstand tegen plezier maken.

Misschien komen er interessante vragen naar boven, zoals…

Hoe komt het dat ik dit niet vaker doe?

Waar was dit naartoe bij mij?

Dit is toch echt leuk, waarom kan ik dan niet lachen?

Wat houdt mij tegen?

Waar ben ik bang voor?

Mag ik plezier maken van mezelf?

Kan ik mezelf toestaan, om blij te zijn?

Sta het jezelf toe. Je verdient het, om plezier te mogen hebben. Je verdient het, om blij te zijn.

 

Deze blog werd voor het eerst gepubliceerd bij Nieuwetijdskind.

Hier heb je altijd rust!

rust in jezelf

We snakken allemaal wel eens naar een beetje rust. Maar nog veel te vaak proberen we dat buiten onszelf te vinden. Proberen we minder werk te hebben, de kinderen wat stiller te houden, gaan we op vakantie.

Allemaal mooi natuurlijk, maar dat geeft je geen rust op dagdagelijkse basis. Geeft je geen “altijd-en-overal-beschikbaar” dosis rust.

Jezelf daarentegen, heb je altijd bij. Bij jezelf kan je altijd terecht. In jezelf, kan er altijd en overal een oase van rust beschikbaar zijn.

Die oase, die moet je wel eerst laten groeien. Zaadjes planten, drupjes water geven. Elke dag opnieuw een beetje. Dan gaat die groeien, en bloeien, en heb jij die fijne plek boordevol rust. Die plek die er altijd is, waar je altijd naartoe kan.