was successfully added to your cart.

Winkelmand

Category

gratis tips

Rust

Ze komt binnen. Zet zich aan de ronde tafel. Ik zet mezelf op de mat. Ik wil je iets vertellen over de challenge “rust”, zegt ze me. Het is een compliment. Ben je er klaar voor?
 
Ik neem een tas koffie erbij en ga er lekker voor zitten. Ja, ik ben klaar om te ontvangen, laat maar komen zeg ik (had ik een paar jaar geleden niet gekund, soit).
 
Ze vertelt dat ze alle 30 dagen gedaan heeft. Dat het fijne tools waren en dat ze er veel plezier mee had gehad, en er ook een paar aan haar kinderen had doorgegeven. Maar wat er bovenal uitkwam, en dat had ze niet verwacht, was het gevoel dat de challenge creëerde, het gevoel van “het is oké”. Je mag dit doen, maar het moet niet. Je mag kiezen en wat je ook kiest is oké. Het was precies dat, dat bij haar er helemaal in verankerde, dat rust iets is als eten en drinken. Dat het er gewoon bij hoort, no questions asked.
 
Ik kon zien dat ze er voorbij was, voorbij het punt van “ik verdien dit wel” en “ik mag dit”. Ze was er voorbij. De challenge rust had rust gecreëerd in haar leven. Niet omdat ze vond dat het nodig was. Niet omdat ze vond dat ze de moeite waard was. Niet omdat ze geloofde dat het beter was voor zichzelf en voor anderen.
 
Maar gewoon. Omdat het evident is. Zo evident dat ze het nooit meer in vraag zal stellen. En ze voortaan moeiteloos rust creëert in haar leven.
 
Zodat ze meer bij zichzelf kan zijn.
Zodat ze haar buikgevoel meer kan volgen.
Zodat ze écht aanwezig kan zijn voor haar kinderen.
Zodat ze kan luisteren naar hun verhalen.
Zodat ze kan luisteren naar hun emoties, zonder daar mee in te stappen.
Zodat ze simpelweg kan zijn, zonder zich te laten triggeren.
 
Ik weet dat veel mensen de challenge niet helemaal van A tot Z volgen. En voor mij hoeft dat ook niet. Je kiest zelf en alles is oké. Maar vergis je niet, doe de hele challenge één keer, twee keer, drie keer (100 dagen) en je leven verandert. En dat is spannend ja. Durf je het aan? Durf je kiezen, en ontvangen? Want ik schenk je dit, vanuit de grond van mijn hart, helemaal gratis en voor niks, en helemaal voor jou.
 
Take it. Use it. Ontvang. En heb je de challenge al gevolgd en vind je die waardevol, deel ‘m dan met anderen. De wereld heeft meer rust nodig. 🙏
 
http://bit.ly/376mWEw

Storm en stilte

De storm in je kind, als die boos is.
De stilte in jou, als je rustig bent.

Stap je soms, zonder dat je het wil, in de storm van je kind?

Wist je dat wanneer je dat niet doet, en je kan bij je rustige zelf kan blijven, dat je kind zonder daar bewust voor te kiezen, in jouw stilte stapt?

Want elk systeem vind storm fijner dan stilte (behalve als het systeem zich verveelt maar in deze maatschappij is dat eerder uitzonderlijk). Dus dat gaat vanzelf.

Stappen naar stilte, is moeiteloos. Dat kan je gewoon laten gebeuren. Je eigen stilte handhaven, kan moeilijk lijken, maar je kan dat leren. Je kind geeft je tig oefenkansen. 😉

Wat kan je nu heel concreet doen om je eigen stilte te handhaven? Ik toon je 30 manieren, helemaal gratis en voor niks, in de challenge “rust”. Hier inschrijven. ❤️

3 tips om je buikgevoel maximaal te gebruiken in de opvoeding van je kind!

👉 TIP 1: Kom tot rust en blijf daar, ontdek hoe

Je buikgevoel vinden en erop kunnen intakken, valt of staat met rust vinden in jezelf. Wanneer het nog moeilijk is om jezelf tot rust te brengen, is het ook moeilijk om je buikgevoel te volgen.

Want soms stappen we makkelijker in de storm van anderen hun emoties, gaan we mee in de boze bui van ons kind, … en doen we iets anders dan dat ons gevoel ons influistert. We worden bijvoorbeeld mee boos, we worden mee overprikkeld. In plaats van dat we in onze rust kunnen blijven en die overdragen aan ons kind. We horen ons buikgevoel niet, omdat we niet voldoende in rust zijn.

Jezelf leren om tot rust te komen, en jezelf leren hoe je naar die rust toe kan gaan in moeilijke momenten, is zo waardevol. En we moeten dat allemaal leren geloof ik. En het betert met oefenen, zoals veel dingen.

Geen idee hoe eraan te beginnen? In de gratis challenge “rust” krijg je een massa tips, er zit er vast wel eentje tussen die bij je past.

Wil je graag meer je buikgevoel volgen? Maak dan van rust een prioriteit.

👉 TIP 2: Wat wil je eigenlijk? Creëer duidelijkheid en intentie

Wanneer je met je hoofd nadenkt over je buikgevoel, hoe ziet dat er dan uit. Wat zijn de dingen die je graag wil meegeven, in het leven met je kind?

Lukt het al om die dingen voor te leven?

Hoe zou je willen reageren, in bepaalde situaties?

Je kan doen alsof hier als je wil. Beeld je een bepaalde situatie in, en vervolgens hoe je zou reageren. Stap voor stap, met zoveel mogelijk detail. Je lichaam kent het verschil amper tussen een echte ervaring en een ingebeelde. Dus door alvast “te doen alsof”, geef je jezelf oefenkansen en leer je een hoop.

Een topsporter die een moeilijke sprong / prestatie / … wil neerzetten, zal die ook eerst visualiseren. Wordt heel vaak gebruikt. En mama zijn is een topsport, dus ik zou niet weten waarom we die tool niet zouden inzetten. 😉

Dus maak voor jezelf heel duidelijk wat je wil bereiken. En zet die intentie ook, vanaf nu zal het zo zijn. Je kan nog altijd lief zijn voor jezelf als het eens niet lukt, maar alles begint met de wens dat het lukt.

👉 TIP 3: Verminder invloeden van anderen

Wanneer je eenmaal die rots in de branding bent, ga je merken dat het je allemaal geen fluit meer kan schelen, wat de ander er allemaal van vind.

En dan kan je met de glimlach zeggen “oh, dat is een interessant standpunt” om vervolgens lekker bij het jouwe te blijven.

Tot je daar bent, kan het best lastig zijn om invloeden van anderen te beperken. Leg je focus op wat jij wil. Tip 2 helpt je daarbij. En zet wat anderen vinden daar naast. Niet erboven. Niet eronder. Maar ernaast.

Want iedereen heeft recht op een eigen mening, denk je maar. Maar die van jou is evengoed als die van een ander. En het is en blijft jouw kind om op te voeden, dus jij beslist, al dan niet samen met een partner.

Een leider zijn voor je kind, wil je dat?

Een leider zijn voor je kind. Wil je dat? Kan je dat?

9/10 moeders die ik zie, zeggen dat ze het niet kunnen. Met alle gevolgen van dien, voor moeder en kind.

Maar niet zo zot diep vanbinnen, willen ze eigenlijk niet. Onbewust vaak. Omwille van dat stemmetje vanbinnen, dat hen zegt dat het toch niet eerlijk is. Want als ik altijd voor de kinderen zorg, wie zorgt er dan voor mij? Ik heb ook iemand nodig die mij leid, helpt, opvoed!

Dat is geen leider kunnen zijn. Dat is weerstand tegen leiderschap. Heel vaak een weerstand die komt uit gemis. Vanuit een tekort, een behoefte waarvan je niet meteen weet hoe je die kan invullen.

Daarom zorg ik graag voor deze mama’s. Tot ze het zelf kunnen. Meestal sneller dan ze verwachten.

Voel jij ook een gemis dat in de weg zit om helemaal in je kracht te stappen? Kan je toestaan dat ik een beetje (een klein beetje …) voor jou zou zorgen? ❤️

Niemand kent mij…

Niemand kent mij, want ik kende mezelf niet (meer)

Wanneer je allerdierbaarste vriendinnen, die je al jaren kent, tegen je zeggen “waar komt dat vandaan” en “zo kennen we je niet”, dan pas weet je hoe hard je jezelf verstopt hebt. Ik maakte het mee, nog niet zo zot lang geleden.

En ik was in de war, ik dacht “hoezo, dat was er toch altijd?”. Hoe kan dat nu dat ze dat stukje van mij niet gezien hebben?

Oh ja … ik was vergeten het te tonen…

Wie ik echt ben.

Mijn heerlijke, rare, geweldige zelf.

Tot op het bot.

Ik was te druk bezig met pleasen en voldoen aan de verwachtingen van anderen. Zo druk bezig daarmee dat ik helemaal mezelf vergat! Waw, zoveel energie dat dat nam.

Zoveel energie die nu mag vrijkomen, te besteden aan nuttigere zaken.

Sorry lieve vrienden dat ik mezelf verstopte. Ik kon het nog niet, mezelf tonen. Ik mocht eerst leren dat ik de moeite waard ben om gezien te worden. Maar wacht, ik maak het goed, door opnieuw te gaan tonen wie ik écht ben. Gewoon omdat ik oké ben.

Bedankt voor jullie geduld allegzins. En volg me gerust, als dat goed voelt voor jou, en als het eng voelt, volg me dan zeker. Want oh dit voelt ook voor mij eng. Maar ik weet diep vanbinnen (en vanbuiten 😉) dat dit een geweldig goed idee is. Voor mij. En ook voor jou.

Wees jezelf. ❤️ Durf dat. Je bent het waard. Je kan zoveel delen met de wereld. Voel dat, durf dat.

Heb jij vertrouwen?

Trust the process

Je kind opvoeden zonder straffen en zonder beloningssystemen, is een proces van persoonlijke ontwikkeling.

Zo.

Ik heb het gezegd.

Nu ja, geschreven.

Het is niet iets dat je zomaar even leert van vandaag op morgen.

Het is niet iets dat je kan leren door een boek te lezen.

Je leert het door het te willen.

Door te geloven dat je het kan.

Aan de slag te gaan met jezelf.

Je eigen waarheid vinden.

Je eigen grenzen leren voelen.

Leren omgaan met je eigen emoties.

Leren omgaan met je tijd, in plaats van je tijd te laten opvullen met wat anderen van je verwachten.

En zo kan ik nog wel even doorgaan. En ja, dat is best een hele hoop om te leren. Net daarom is het zo belangrijk om te vertrouwen op het proces. Om te genieten van het onderweg zijn. En kinderen halen dat zo mooi in ons naar boven, door helemaal in het nu te leven. Dan moet je af en toe wel eens stoppen om van het uitzicht te genieten. 😉

En dat klinkt simpel, maar zo vaak reageren we nog vanuit angst. Vanuit de behoefte aan controle. Vanuit de wensen van anderen, in plaats van die van onszelf. Vanuit onze eigen frustratie, en onmacht. Vanuit een “ik zie door de bomen het bos niet meer”. Vanuit een “en nu weet ik het niet meer”.

Zoveel dingen die maken dat je het gevoel kan krijgen dat je vast zit. Muurvast. In jezelf, in het patroon dat je van je ouders meekreeg.

En dat is niet simpel om daar uit te geraken in je eentje. Ik kon dat ook niet. Ik liet en laat me helpen. Leerde zo ontzettend veel en er kan altijd nog wat bij.

En ik ben er graag voor jou, op mijn beurt. Aarzel niet. Neem contact op.

Tot gauw lieve mama / papa, want jij bent het waard.

Waarom gebeurt dit nu weer met mij?

Waarom gebeurt dit nu weer met mij?

Alles is ergens goed voor. Ook al willen we dat soms niet geloven, vanuit onze pijn over wat er gebeurd is.

Zeg dan tegen jezelf:

“geen idee wat het is waarvoor het is maar het zal wel ergens goed voor zijn”

Voel het vertrouwen. Elke keer opnieuw, wanneer er iets gebeurt dat je niet begrijpt maar wel wil begrijpen, of wanneer er iets gebeurt dat je niet leuk vind.

Tijd in overvloed

Druk, druk, druk. We denken graag dat we in drukke tijden leven, dat we het druk hebben en dat dat normaal is. Want iedereen heeft het druk, toch? Door het zelf ook lekker druk te hebben voelen we ons normaal en dat is dan weer lekker veilig.

We ervaren drukte in ons leven omdat we veel keuzes hebben. We weten dat wanneer we een jong kind teveel keuzes geven, dat dat niet zo goed werkt. Als volwassene creëren we vaak de illusie dat wij het beter kunnen, maar klopt dat wel?

Je ontsnapt niet aan je biologische programmatie… die nu eenmaal gericht is op overleving, ook wanneer er een tekort is. Vanuit onze programmatie van “jagen en verzamelen” pakken we graag alles wat er te pakken valt. Want morgen is er misschien niks (geen eten).

Misschien hebben we ergens dat verzamelen van eten overgedragen op het verzamelen van tijd. Waardoor we het gevoel hebben dat we alles wat er te rapen valt, ook effectief moeten rapen.

Maar de waarheid is nog steeds dat er 24 u in een dag zijn. En moesten er 48 u in een dag zijn, dan zou die dag precies even vol zitten als vandaag.

Hoe kan je dit nu aanpakken?

Sta eens stil bij twee dingen. Ten eerste je beperkende overtuigingen. Wat is waar voor jou en klopt dat wel? Ten tweede, wat is belangrijk? Stel je prioriteiten, in overeenstemming met je biologische programmatie, want daar ontsnap je niet aan (dus gebruik het in je voordeel, om gelukkiger te worden).

Meer uitleg in het filmpje!

Driftbui nummer zoveel (help!)

Wanneer je kind boos wordt, blijf je graag zelf rustig. Vanuit je eigen rust kan je de boosheid van je kind erkennen en benoemen. Kan je kind weer rustig worden en kunnen jullie samen oplossingen bedenken om constructiever om te gaan met deze boosheid. Je wil je kind immers graag leren dat boos zijn niet verkeerd is.

Wanneer je bovenstaande leest, denk je waarschijnlijk “ja, natuurlijk” of “oh ja, kon dat maar” of “ja, maar”. Of je denkt “jaja… niet met mijn kind. Met andere kinderen zou dat wel lukken, andere ouders doen het vast zo maar ik kan dat niet, of niet met mijn kind.” Of nog wat anders.

Kort gezegd:

De theorie is één ding, de praktijk vaak iets heel anders. 

Want in die paar regels helemaal bovenaan, zitten enorm veel dingen in verscholen. Die voor sommigen makkelijk zijn en voor anderen best moeilijk. Sommigen hebben er een probleem mee, anderen weten niet eens dat er een probleem is. Zij zeggen “we worden toch allemaal wel eens boos zeker” (dus geen probleem).

Wel …

Dat klopt toch niet vind ik. Boos zijn is een manier om jezelf te verdedigen of om een grens aan te geven. Grenzen aangeven doen we in deze maatschappij het liefst assertief. We kunnen daar, meestal op de werkvloer, dan ook allerlei cursussen rond volgen. We vertellen onze kinderen dat ze “hun woorden moeten gebruiken”. In de oertijd was het vast anders. Daar hadden we ook nog niet het houvast van taal zoals we dat vandaag kennen. En jezelf verdedigen, was af en toe broodnodig. Roofdieren, aanvallen van andere stammen, … Jaja, goed boos kunnen zijn met vuisten en al, was toen best handig.

Dat lijf van de oertijd, dat hebben we nog steeds.

En daarom kiezen de meesten ervoor om TE LEREN (want het gaat niet vanzelf) aan onze kinderen hoe het ook anders kan. Maar met zoveel dingen is het handig dat je het eerst zelf kan, voor je je kinderen wat wil leren. De meeste volwassenen beginnen niet aan dingen te leren aan hun kinderen die ze zelf niet kunnen. Het komt meestal niet in hen op. Nochtans proberen we wel allemaal aan onze kinderen uit te leggen om hun woorden te gebruiken, terwijl we zelf …

… onze woorden vaak inslikken …

… roepen, schreeuwen, dreigen …

… ons afreageren op ons kind, onze partner, huisdieren, meubels …

… of verborgen boosheid gaan inzetten, waarvan we niet eens meer weten dat het boosheid is. Klagen, zeuren, zagen, ventileren, chanteren, afspraken “vergeten”, depressief worden, pijn krijgen …

Niet zo handig. Niet onze fout natuurlijk, wij hebben het ook maar moeten leren van onze ouders die het ook niet wisten. Zoveel onwetendheid is er nog over emoties. Gelukkig ben jij bereid om te leren (toch?).

Eigenlijk voelen we best dat woorden vaak tekort schieten, wanneer we echt boos zijn. Maar wat doe je dan. 

In een notedop: ga je lijf inzetten, samen met je hoofd. Lijf eerst. Je hoofd moet nadien alleen maar herkaderen (reframen). Wat reframen precies is legde ik al uit op de nieuwe (joepi!!) Facebookpagina Helga Peeters – Feeling Free. Ga maar kijken en like meteen de pagina. 🙂

En voor kinderen doe je dit anders dan voor jezelf, maar de basis is wel heel gelijkaardig. Je zal merken dat de boosheid bij jezelf langzaam maar zeker wegsmelt (tot je aan een blokkade komt, al kan je daar ook weer doorheen natuurlijk, meestal met wat hulp van buitenaf). En dat de driftbuien van je kind langzaam maar zeker een eitje worden om mee om te gaan, en doordat het makkelijker is, verdwijnen er heel vaak een hele hoop driftbuien. Wat velen niet voor mogelijk houden zie ik wel eens gebeuren in één sessie.

Meer concreet over dat lijf, is voor een andere keer, stay tuned!

Hooggevoelig opvoeden

Wie mij al een poosje volgt, weet het vast al wel. Ik zou mezelf hooggevoelig kunnen noemen, en deed dit ook sinds ik ongeveer 18 jaar oud was. Dat is al heel erg lang. 😉 Toen kenden de meeste mensen de term niet, het onderzoek van E. Aaron was volop aan de gang.

Tegenwoordig lijkt “hoogsensitief” of “hooggevoelig” haast een modewoord. Steeds meer en meer kinderen lijken hooggevoelig te zijn. Steeds meer en meer ouders ervaren daar problemen mee. Verschillende universiteiten in Vlaanderen zijn bezig met onderzoek rond hooggevoeligheid. Meer en meer wordt erkent dat het bestaat.

Maar hoe vaak de term ook al gebruikt wordt, nog steeds bestaan er veel misverstanden rond, zoals bijvoorbeeld…

Je bent niet “wel hooggevoelig” of “niet hooggevoelig”. Nu ja, soms is het natuurlijk heel erg duidelijk, zoals bij mezelf, maar heel vaak is er een grijze zone. En weet je, dat is oké. Je hoeft het niet zwart op wit te hebben. Tuurlijk kan het zijn dat je daar behoefte aan voelt, om het te weten, maar dat betekent op zich ook al iets… In feite is “gevoelig zijn” een eigenschap die we allemaal hebben, in meer of mindere mate. En net zoals er mensen zijn van gemiddelde lengte, korte mensen en lange mensen, zijn er mensen met een gemiddelde gevoeligheid, wat minder of wat meer. Je bent ook niet aan alles even gevoelig natuurlijk. Zelf reageer ik heel fel op geluid, en emoties van anderen (wat in feite een groot voordeel is, in mijn job nu natuurlijk ;-)). Mijn oudste zoon reageert heel fel op geuren. De jongste voelt feilloos aan wat de ander nodig heeft. Zal dit ook aanbieden of schaamteloos aan een ander vragen “ga jij dat eens doen voor die persoon”. Haha. Zo kan het dus ook, belangrijk wanneer je als kind ook wel gewoon kind wil zijn… Anders heb je een kind dat heel erg gaat pleasen, vooral als het het kind is dat hooggevoelig is en de ouder het moeilijk heeft. Want kinderen zijn altijd loyaal aan hun ouders. Misschien herken je dit bij je kind. Of herken je dit van jezelf, toen jij nog een kind was. Misschien stel je nu zelfs pas vast, dat dat eigenlijk de reden is waarom je tot op de dag van vandaag, nog steeds geen nee kan zeggen. Anyway…

De term “hoogsensitief” is vrij vertaald uit het Engels, “higly sensitive”. Eigenlijk heeft het dus niets met “hoog” te maken. Eerder met “meer” of “intens”. Recent onderzoek heeft aangetoond dat hooggevoelige mensen allicht een meer bedraad zenuwstelsel hebben. Er komen dus letterlijk meer waarnemingen binnen vanaf de buitenwereld, én ze worden meer getransporteerd naar onze hersenen (die dat dan maar verwerkt moeten zien te krijgen…). Onderzoek naar hoogsensitiviteit is tegenwoordig populair, en het zal wel gestaag vorderen, maar we zijn nog niet toe aan een echte test, zoals bijvoorbeeld wel het geval is voor ASS of ADHD. Een diagnose “ik ben hooggevoelig”, kan je dus nog steeds niet krijgen.

Ik koos voor deze blog een prentje met zeepbellen. Voor mij een mooie metafoor, om verschillende redenen. Vroeger gebruikte ik wel eens die metafoor om kinderen en volwassenen te leren om zich af te sluiten van prikkels. Je kan namelijk in een zeepbel kruipen om jezelf te beschermen. Tegenwoordig gebruik ik de metafoor meer met mate, omdat het toch ook zo belangrijk is om te kunnen leven zonder dat je om de haverklap in een zeepbel moet kruipen, nietwaar? En daar heb ik nu dan, meer dan vroeger, zo ook weer handvaten voor.

Wat vooral mooi is aan de zeepbellen, dat is hoe ze in elkaar kunnen overgaan. De ene zeepbel kan tegen de andere gaan kleven. Ze kunnen mekaar doen stuk springen. En dat is kenmerkend vind ik in opvoeden, wanneer het gaat over een hooggevoelig kind met een eventuele hooggevoelige ouder. Die gaan vaak ook, energetisch of emotioneel, wat tegen mekaar kleven, in mekaar overgaan als het ware. Waardoor het een beetje door elkaar loopt allemaal. En dat kan heeeeeeeeeeeeeeeel erg handig zijn, als je het bewust kan inzetten. Zelf rustig blijven bijvoorbeeld, en je kind meenemen in die rust. Is een plus. Zelf boos worden omdat je kind boos is, is dan weer de andere kant van de medaille. Weten hoe dat proces in elkaar zit, doet al veel.

Ik zou nog een boek kunnen schrijven hierover, maar mss moet ik het hierbij voorlopig laten, en je het beeld van de zeepbellen meegeven voor in je hoofd. Sta er eens bij stil… loop jij en je kind ook wel eens “door elkaar”? Wat is daar handig aan, en wat net niet?

Durf aan de slag gaan met die dingen die voor jou of voor je kind nog niet handig zijn. Want hooggevoelig ben je voor het leven. En hoe meer je er vat op krijgt, hoe gevoeliger je vaak wordt. Het is dus iets dat je hele leven lang  op je pad blijft. Voor jou om van te leren. Dus … doe er je voordeel mee. Hooggevoelig zijn is een zegen, een kracht, en als hooggevoelig mens / ouder van een hooggevoelig kind, kan je bergen verzetten. Ook al voel je je nu misschien eerder bedolven onder de druk van het alledaagse leven… weet dat dat niet zo hoeft te zijn. Doe er iets mee.

Liefs!

(en als je nu zin hebt om te gaan bellen blazen, vooral doen natuurlijk :-D)