was successfully added to your cart.
Category

emotionele regulatie

Prikkels!

Opname van een gesprek tussen Helga Peeters (mamacoach en opvoedcoach) en Desie Vrints (kindercoach)!

Wat zijn prikkels eigenlijk? Helpt TV kijken om een prikkelgevoelig kind tot rust te laten komen? Moet je je kind afschermen van een overload aan prikkels? Hoe kan je je kind ermee leren omgaan? Wat is het verschil tussen prikkelgevoelig zijn en hooggevoelig zijn?

Vragen die ik kreeg van moeders:

– hoe ga je om met een kleuter van 4 jaar, die overduidelijk rust (minder prikkels) nodig heeft, maar toch steeds maar prikkels blijft opzoeken?

– En hoe kan je een kind dat niet goed tegen teveel prikkels kan weerbaar maken? Omdat deze kinderen toch wat ‘anders’ zijn dan de doorsnee kinderen, hoe zorg je ervoor dat ze zich niet anders/speciaal voelen? Hoe zet je hen in hun kracht, zodat ze zelf kunnen aangeven wanneer het genoeg geweest is?

– Is het zinvol om uit te zoeken of je kind of jezelf hooggevoelig bent? Maw kan die ‘stempel’ een meerwaarde zijn?

Een opname boordevol informatie en tips, enjoy!

Wanneer volg jij niet je gevoel?

gevoel

Je gevoel volgen, veel ouders vinden dat het erbij hoort, de dag van vandaag. “Doe niets wat niet goed voelt”, hoor je dan wel eens. En ik geef toe, ik zei het vroeger ook wel, tegen moeders. Uiteindelijk, je wil het beste voor je kind, en als het niet goed voelt, dan klopt het niet, of wel?

Na jaren begeleiding geven durf ik vandaag zeggen dat je gevoel niet volgen, soms net een heel goed idee is…

Wanneer je in een bepaalde situatie het gevoel hebt dat je zus of zo moet handelen, en dat voelt goed om het zo te doen, dan heb je groot gelijk. Door je gevoel te volgen op zulke momenten, krik je je zelfvertrouwen op, zie je heel vaak ook dat het gewoon goed is. Wanneer het goed voelt, dan is het heel vaak gewoon goed.

Maar wanneer het niet goed voelt, wil dat absoluut niet zeggen dat het misschien toch geen goed idee is…

De afgelopen zomer gaf ik ons gezin het geschenk van wat opvoedondersteuning. Veel weten over opvoeden is immers één ding, er middenin staan en dan nog weten hoe je best handelt, iets heel anders. Dus eenmaal ik mijn ego opzij kon zetten 😉 was het niet zo moeilijk om verschillende mensen te bedenken die ons gezin misschien wel zouden kunnen ondersteunen. Ik ken er toch een hoop, dus dat zou makkelijk zijn, dacht ik. Gewoon even alles op een rijtje zetten, ieders kwaliteiten even bekijken, weten wat ik zelf wou, en dan kiezen.

Bleek dat ferm tegen te vallen. Want niemand voelde eigenlijk echt goed. Dus bleef ik zoeken naar iemand waarmee het wel goed zou voelen, waarmee het wel helemaal zou klikken.

Tot ik mezelf een heel belangrijke vraag stelde…

Wat is er nodig zodat dit goed kan voelen?

En toen ik me nog wat dapperder voelde:

Wat heb ik nodig, zodat dit goed kan voelen?

Het feit dat het voor mij niet goed voelde, had niets te maken met die andere mensen. Het had alles te maken met mij. Want als er iemand meekijkt naar de opvoeding van je kinderen, dan stel je jezelf wel heel kwetsbaar op. Ik moest mezelf heel kwetsbaar opstellen. En dat kon ik alleen maar met iemand die ik vertrouwde. Maar kon ik wel iemand vertrouwen? Ik was bang voor de oordelen (die ik niet zou krijgen). Ik was bang om de fouten te zien die ik had gemaakt (niemand is perfect, toch?).

Hoe zou het zijn, om me kwetsbaar op te stellen bij iemand die ik eigenlijk niet helemaal vertrouw (een beetje wel, maar toch…)? Wat was eigenlijk het ergste dat er kon gebeuren (=> en gekwetst ego).

Dus deed ik wat niet goed voelde. Keek naar binnen en zorgde voor mezelf. En na een poosje voelde het zo goed, zo goed! En ben ik dankbaar.

Bovenstaande is maar een voorbeeld, maar je kan dit principe toepassen op eender welke situatie waarbij je twijfelt of je je gevoel moet volgen.

Stel jezelf simpelweg de vraag:

Wat is er nodig zodat dit goed kan voelen?

En wanneer je je heel erg dapper voelt:

Wat heb ik nodig, zodat dit goed kan voelen?

Deel de momenten waarbij je twijfelt of je je gevoel wil volgen hieronder of in de Facebookgroep. Of stuur me een e-mail, naar hallo@opvoedenopmaat.com . Ik hoor graag van je!

7 dagen plezier met je kind voor meer inzicht in jezelf

meer plezier kind

Plezier maken… misschien is het iets dat kinderen gewoon veel beter kunnen dan volwassenen. Kinderen maken vaak nog ‘vanzelf’ plezier. Ze trekken gekke bekken, zingen liedjes, vertellen mopjes… . Misschien zijn wij volwassenen te druk bezig om plezier te maken. Zijn we saai geworden. Zijn we het kind in onszelf kwijt, vergeten.

Waarom plezier maken?

Lachen is gezond, zeggen ze, en dat klopt helemaal. Fysiologisch gebeuren er allemaal goede dingen wanneer je lacht. Ook emotioneel is lachen een opkikker. In het leven met je kind, is lachen ook een vorm van ontlading na een drukke dag. Is het ook een vorm van verbinding maken met je kind, wanneer je beiden kunt lachen om hetzelfde. Plezier maken is ook een manier om zelf opnieuw wat vrolijker in het leven te staan. Mag het een beetje minder druk, mag het wat minder serieus allemaal? Kun je jezelf dat toestaan?

Wat je aandacht geeft, groeit.

Wanneer je elke dag drie foto’s neemt van iets moois dat op je pad komt, ga je meer moois zien. Wanneer je elke dag drie dingen opschrijft waarvan je vindt dat je ze goed gedaan hebt, groeit je zelfvertrouwen. Wanneer je elke dag dankbaar kan zijn voor kleine dingen, ga je meer ontvankelijk in het leven staan. Gaat het gemakkelijker worden om te ontvangen.

Met plezier maken is het ook zo. In het begin is het moeilijk om te bedenken waar je nu eens over zou kunnen lachen. Want het leven is zo serieus (werken, rekeningen betalen, etc.). Maar oefening baart kunst. Eenmaal de eerste horde genomen, gaat het vaak al een pak beter.

Tips voor 7 dagen plezier!

Kinderen zijn vaak beter in plezier maken, dus is het een eerste logische stap om eens te kijken hoe je kind plezier maakt. Misschien kun je meedoen, of een tip vragen aan je kind.

Je zou een mop kunnen tappen, aangepast aan de leeftijd van je kind. Ook al lijkt dat voor jouw een flauwe mop dan, wanneer je begint te vertellen, en je kind doet mee, dan wordt het vanzelf wel leuker. Inspiratie vind je online, of haal je uit een moppenboekje van de bibliotheek (bijvoorbeeld). Je kan een mop vertellen tijdens het douchen, wanneer je kind ook in de badkamer is. Tijdens een rit in de auto of onderweg. Het kost geen extra tijd, alleen een positieve intentie om meer plezier te maken.

Maak plezier met je kind, met jezelf en met anderen. Waar word jij zelf vrolijk van? Waarmee kunnen anderen jou aan het lachen brengen? Hoe kan jij anderen aan het lachen brengen? Misschien kun je, bijvoorbeeld aan de schoolpoort, wanneer je je kind gaat afhalen, een anekdote vertellen aan de mama naast jou. En zo samen lachen, ook al ken je elkaar nog niet zo goed. Of zie je iets grappigs gebeuren, bijvoorbeeld onder twee kinderen. Zeg er iets van, lach samen.

Wanneer je je dapper voelt, doe dan eens iets geks. Maak een vreugdedansje op straat, enkel en alleen maar omdat je net je lievelingsbloem tegenkwam. Glimlach, wanneer je een vreemde blik krijgt van anderen die dat zien.

Of doe mee, met de geluiden van je kind. Whie-whie-whie! Daar komt de brandweerauto aan! Hoe klinkt jouw speciale sirene?

Terwijl ik dit schrijf, komt de herinnering bovendrijven van een wiegeliedje over een brandweerman dat ik zong voor mijn kinderen, toen ze baby waren… Om blij van te worden!

Laat het inzicht maar komen.

Ik daag je uit, probeer het een keer, zeven dagen meer plezier maken. En observeer wat er met je gebeurt. Meer lachen en meer plezier maken, betekent vaak dat je meer over jezelf te weten komt. Je herontdekt wat leuk was. Je ontdekt opnieuw een stukje kind in jou. Leuke herinneringen aan vroeger komen bovendrijven. Bovenal, ontdek je je eventuele weerstand tegen plezier maken.

Misschien komen er interessante vragen naar boven, zoals…

Hoe komt het dat ik dit niet vaker doe?

Waar was dit naartoe bij mij?

Dit is toch echt leuk, waarom kan ik dan niet lachen?

Wat houdt mij tegen?

Waar ben ik bang voor?

Mag ik plezier maken van mezelf?

Kan ik mezelf toestaan, om blij te zijn?

Sta het jezelf toe. Je verdient het, om plezier te mogen hebben. Je verdient het, om blij te zijn.

 

Deze blog werd voor het eerst gepubliceerd bij Nieuwetijdskind.

Hier heb je altijd rust!

rust in jezelf

We snakken allemaal wel eens naar een beetje rust. Maar nog veel te vaak proberen we dat buiten onszelf te vinden. Proberen we minder werk te hebben, de kinderen wat stiller te houden, gaan we op vakantie.

Allemaal mooi natuurlijk, maar dat geeft je geen rust op dagdagelijkse basis. Geeft je geen “altijd-en-overal-beschikbaar” dosis rust.

Jezelf daarentegen, heb je altijd bij. Bij jezelf kan je altijd terecht. In jezelf, kan er altijd en overal een oase van rust beschikbaar zijn.

Die oase, die moet je wel eerst laten groeien. Zaadjes planten, drupjes water geven. Elke dag opnieuw een beetje. Dan gaat die groeien, en bloeien, en heb jij die fijne plek boordevol rust. Die plek die er altijd is, waar je altijd naartoe kan.

ontstress jezelf in 5 minuten met deze 5 tips

Het zijn de laatste loodjes voor de echte zomermaanden. Voel jij het ook? Nog snel even dit, nog rap even dat, en dan! Ja, dan rust. Op het werk moet er nog even vanalles af. De kinderen zijn schoolmoe. Examens en toetsen aan de gang.

Meer dan redenen genoeg om niet te wachten tot je tijd hebt om te ontstressen. Je krijgt alvast 5 tips mee, elk van de tips kan je toepassen in 5 minuten. “Geen tijd” is dus geen excuus! 😉

Tip 1: snelle massage

Masseer het knooppunt op je hand aangeduid met een kruisje op de onderstaande foto. Neem even tijd om het goede punt te vinden, het voelt lichtjes pijnlijk, intenser dan de zone errond, wanneer je er druk op uitoefent. Je kan dit punt zachtjes masseren met cirkelvormige bewegingen, om te ontspannen. Het is ook dit punt dat “gemasseerd” wordt wanneer je zo’n bandje bij de apotheek gaat halen tegen hoofdpijn (zonder medicatie). Je kan dit altijd en overal doen, gedurende een paar minuten.

stresspunt

Tip 2: ademen

Het gaat niet om het bereiken van die diepe, relaxerende buikademhaling, wat je wel vaker hoort. Het gaat om goed doorademen, en de juiste ademhaling te gebruiken bij de juiste situaties. Wanneer je stress ervaart, ga je automatisch oppervlakkig ademen. Dat is een stressreactie van ons lichaam, indertijd, toen we nog moesten vluchten voor roofdieren, was dat erg handig. Nu niet meer, maar de reactie is er nog altijd.

Dus neem geregeld de tijd om extra te ademen. Wat dieper dan je gewoonlijk zou doen. Ook eens stevig zuchten kan wonderen doen.

Tip 3: voelen

Neem geregeld de tijd om even stil te staan bij wat je voelt vanbinnen. En alles is oké hé. Je kan voelen in termen van emoties, maar ook in termen van sensaties. Je kan je moe voelen, verdrietig voelen, boos voelen, of je kan ook een bal spanning voelen in je buik. Alles is oké. Vertel jezelf, dat wat het ook is, je het nu niet hoeft op te lossen. Simpelweg voelen wat er te voelen valt, en het gevoel er bewust laten zijn, is ook al helpend.

Ademen helpt hierbij, het is dus heel logisch om tip 2 en tip 3 aan elkaar te hangen. 🙂

Tip 4: geef jezelf helpende gedachten

Ik zeg wel eens tegen onze oudste “nu ben je jezelf aan het boos maken, met rode gedachten”. Er zijn verschillende manieren om stress op te lopen. Je kan stress krijgen van andere mensen, van je partner, je kinderen. Je kan stress krijgen van situaties, wanneer dingen anders gaan dan je had gewild. Maar je kan absoluut ook stress krijgen van jezelf, door een bepaalde manier van denken.

Meestal zie ik dat mensen aan de slag gaan met de twee eerste bronnen van stress, omdat ze niet weten hoe om te gaan met de derde bron. Maar in feite is net die derde bron van stress, je eigen gedachten, het handigst om aan te pakken. Omdat je hier helemaal zelf de controle over hebt. Dit kan een lang en moeizaam proces zijn, wanneer je negatieve gedachten ervaart die je zijn ingelepeld in je kindertijd. Maar je kan ook met vijf minuten per dag al aan de slag, door voor jezelf een paar mantra’s te bedenken, zoals:

  • ik ben goed genoeg
  • het is goed genoeg
  • het is oké (naar je kind toe bijvoorbeeld kan je die ook vaak herhalen)
  • relax

Deze kan je opschrijven op een post-it en op de ijskast hangen (bijvoorbeeld).

Tip 5: gebruik je zintuigen

Hier gaan we een beetje de mindfullness kant op. Je zintuigen gebruiken om jezelf te ontstressen, is ook weer heel makkelijk en snel. Je kan geuren gebruiken, zoals lavendel. Wanneer je last hebt van een inwendige piekermolen, kan je je concentreren op je omgeving, en tien dingen opnoemen die je hoort. Tien dingen die je ziet. Wanneer je net last hebt van lawaai en drukte uit je omgeving, kan je je voorstellen dat je in een grote zeepbel zit, of kan je in jezelf kijken, wat er daar te zien / voelen is.

Nog meer tips?

Die kan je krijgen in de online workshop “ontstress jezelf”! 🙂

 

Zo breng je je kind echt hélemaal tot rust!

We lezen veel over het “reptielenbrein” tegenwoordig en dat is goed. Maar hoe kan die kennis ons nu helpen in het opvoeden? Bijvoorbeeld, in een overprikkeld kind tot rust te helpen komen?

Een praktische toepassing…

Maar eerst kort de theorie opfrissen

Op een gegeven moment in de tijd, waren er reptielen. Met een reptielenbrein. Zij konden (kunnen) sensaties gewaar worden. Sensaties zijn dingen als warmte, koude, kippenvel, een hartslag (langzaam of sneller), ademhaling (oppervlakkig of diep), …

Toen kwamen de zoogdieren. Zij ontwikkelden, rond dat reptielenbrein, een tweede laag hersenen. Toen had je een zoogdierenbrein. Zoogdieren hebben de sensaties van de reptielen, en daarboven voelen ze ook nog eens emoties. Voorbeelden van emoties zijn blijdschap, verdriet, boosheid, … .

Toen kwam de mens. En ja natuurlijk zijn wij ook zoogdieren, maar wat is er anders aan onze hersenen? Mensen hersenen hebben een derde laag. Het is die derde laag die ons laat denken, plannen, en die taal mogelijk maakt. Mensen hebben én het reptielenbrein én het zoogdierenbrein én denkende laag erbovenop. Wij kunnen sensaties ervaren, emoties voelen, en plannen maken, dingen bedenken, … .

Gebruik elke hersenlaag

Hoe zou het zijn, als je je kind tot rust helpt te komen met deze kennis? Hoe kan je nu elk van deze drie lagen apart tot rust brengen, zodat er een diepere relaxatie ontstaat?

De buitenste laag (de “mensen laag”)

Vaak beginnen we met de buitenste laag. Hier ga je helpende gedachten gebruiken om je kind rustiger te laten worden. Je creëert je eigen helpende gedachten om zelf rustig te blijven, en je spreekt helpende gedachten uit om je kind te helpen.

  •  Wat heb jij nu nodig?
  •  Wat is er aan de hand?
  •  Hoe deed je dit vorige keer?
  •  Wat kan je nu doen?
  •  …

De middelste laag (de “zoogdieren laag”)

Dit is het stukje van de emoties. We reguleren de emoties van onze kinderen door zelf rustig te blijven, te benoemen, erkennen, …

De reptielen kern

Dit is dus de kern. Wat letterlijk het diepst vanbinnen zit. Je kan die ook aanspreken om nog diepere relaxatie te bekomen. Vaak gebruiken we deze enkel apart, we gaan ons focussen op onze ademhaling om rustig te worden bijvoorbeeld. En dat werkt niet.

Wat wel een heel goed effect heeft, dat is om na dat stukje emoties, ook nog eens deze kern aan te spreken. Geef je kind warmte bijvoorbeeld na een driftbui. Een deken of een kersenpit kussen. Een warm bad misschien?

Kortom, door alle lagen apart te benaderen en na elkaar in te zetten, bereik je meer.

 

Dit artikel werd voor het eerst gepubliceerd bij Nieuwetijdskind Magazine!

1 goede reden om boos te worden op je kind

Foute redenen

Ouders worden boos op hun kinderen om verschillende redenen. Ze verliezen hun geduld, vaak omdat ze zelf moe zijn. Vanuit die vermoeidheid, worden ze boos. Een andere reden is, dat ze hun kind iets proberen te leren. Zoals dat hoort, als je een kind aan het opvoeden bent. Maar om de een of andere reden, heeft het kind, ondanks alle verwoede pogingen, het nog steeds niet geleerd. En dus voelt de ouder zich machteloos, of gefrustreerd. Ook van daaruit komt er boosheid.

Zelf moe zijn, je geduld verliezen, je machteloos voelen of gefrustreerd zijn, zijn allemaal zaken die je als ouder zelf kan aanpakken. Elke conflictsituatie heeft een stukje dat bij het kind hoort, en een stukje dat bij de ouder hoort (ruzie maken doe je nooit alleen). En in het geval van moe zijn, je geduld verliezen, je machteloos voelen of gefrustreerd zijn, ligt een heel groot stuk van het conflict bij jezelf. Je kan hier zelf mee aan de slag. Bijvoorbeeld door beter voor jezelf te gaan zorgen (uiteindelijk is dit toch beter voor je kind). Door minder hooi op je vork te nemen. Door te kijken, op welke andere manier je je kind kan leren wat je vindt dat er geleerd dient te worden. Doordat je andere manieren ontdekt, kan je weer verder, en verdwijnt je gevoel van machteloosheid en frustratie als sneeuw voor de zon.

Misschien voel je me nu al aankomen, en ja, inderdaad, bovenstaande redenen zijn geen “goede” redenen om boos te worden op je kind. “Niet goed” als in niet helpend. En zolang jij ijzersterk in je schoenen staat, is er waarschijnlijk geen enkele goede reden om boos te worden op je jonge kind. Maar we staan niet altijd ijzersterk in onze schoenen. En daarom… is er misschien toch een goede reden om boos te zijn.

Maar eerst even kijken naar die boosheid, wat is het nut van deze emotie?

Waarvoor dient boos zijn eigenlijk?

We doen boosheid vaak af als iets negatiefs. We zijn niet graag boos. Onze maatschappij heeft het moeilijk, met boze volwassenen en met boze kinderen. Nog steeds krijgen we vaak de boodschap dat boos zijn niet mag.

Nu ben ik er vrijwel zeker van dat jij je kind wél leert, dat boos zijn mag. Omdat je al weet dat boosheid bij het leven hoort. Je kind zal het dus sowieso ervaren. En daarom is het belangrijk hoe je kind ermee leert omgaan.

Hoe komt dat nu, dat boosheid bij het leven hoort? Waarvoor dient boosheid eigenlijk?

Boosheid heeft heel erg veel met grenzen te maken. Boos zijn, geeft je de energie die je nodig hebt om voor jezelf op te komen, als iemand over je grenzen heen gaat. De emotie geeft je kracht, om je grenzen te verdedigen, met hand en tand als dat nodig is. Boos kunnen zijn, zorgt ervoor dat niet iedereen zomaar met jou kan doen wat ze willen.

Wanneer voelen mensen nu de neiging om een grens aan te geven?

  1. Als je iets moet doen, wat je echt niet wil, wat volgens jou niet klopt, waar je om de een of andere reden veel weerstand tegen hebt.
  2. Als iemand zich gedraagt tegen jou op een manier die jou pijn doet, lichamelijk of emotioneel.

Je kind geeft ook grenzen aan (maar moet vaak nog leren hoe dit constructief en helpend kan, veel ouders hebben dit ook nog niet geleerd). Je kind zal vaak vanuit het eerste standpunt reageren, je kind moet iets doen wat hij of zij niet wil, er is weerstand, en van daaruit gaat je kind grenzen aangeven door bijvoorbeeld agressief te worden, te gaan schoppen, slaan, of schelden.

Volwassenen hebben vaker wel al geleerd dat je soms ook iets moet doen als je er geen zin in hebt. Meestal voelen zij de behoefte om een grens aan te geven als (bijvoorbeeld) een kind gedrag stelt dat niet aanvaard kan worden, of dat pijn doet.

Of kort gezegd, als je kind je schopt, is het logisch en natuurlijk dat je boos wordt. Boos kunnen zijn is daarvoor gemaakt, om jezelf te kunnen verdedigen.

Boos zijn en grenzen geven, hebben dus heel erg veel met elkaar te maken.

1 goede reden om boos te worden op je kind

Het kadertje waarbinnen we willen opvoeden, is gemaakt van grenzen. Het is de taak van kinderen om grenzen op te zoeken, te ontdekken, en er tegen te duwen. Zo maken ze gaandeweg hun kader groter, en krijgen ze meer verantwoordelijkheid. Ouders en kinderen groeien samen, tot kinderen het alleen kunnen, en zichzelf kunnen begrenzen om veilig te blijven. Dan zijn ze volwassen.

Tot dan, is het de taak van de ouders om een veilig kader van grenzen te maken, zodat een kind veilig kan opgroeien. Dus nee, je mag niet alleen op straat, er rijden auto’s en dat is gevaarlijk.

Eén goede reden om boos te worden op je kind, is dan ook om aan te geven dat je kind nu echt wel over je grenzen heen gaat. De niet constructieve manier, die ken je waarschijnlijk al. Je gaat roepen, schreeuwen, stampen, straffen (want je hebt het helemaal gehad).

Hoe kan het nu constructiever?

Constructief boos zijn

Constructief boos zijn, betekent dat je geen dingen zegt die je niet meent, of waar je nadien spijt van krijgt. Het is ook helpend. Je geeft een oplossing. Je kind kan er wat mee. We weten ook samen met onze kinderen naar oplossingen zoeken beter is, maar ga hier niet te ver in. Wanneer je boos bent, is het niet het moment daarvoor. Vul gerust zelf een oplossing in, en geef die aan je kind.

Constructief boos zijn vraagt ook dat je deze emotie in de hand hebt. Jij gebruikt je boosheid immers om er iets mee te bereiken. Dus is het nodig, dat je er goed mee om kan gaan. Leer jezelf wat je kan doen als je boos bent, om die energie te kanaliseren.

Je gedachten spelen een belangrijke rol. Je wil namelijk een grens trekken op het moment dat het ongewenste gedrag zich stelt, niet als je denkt dat het gedrag zich zo meteen gaat stellen. Sommige ouders worden al boos “op voorhand”. Het zijn dan je gedachten die je boos maken. Dit helpt niet.

“Je bent hier gewoon echt niet goed in”, is misschien wel waar, en je kan het vast heel erg rustig zeggen, misschien is het zelfs troostend bedoeld, maar je helpt je kind er niet mee.

Sta er even bij stil, als je boosheid constructief gebruikt in het aangeven van grenzen bij je kind. Wat wil je bereiken?

Je wil bereiken dat je grens gerespecteerd wordt. EN je wil ook bereiken, dat je in de toekomst niet meer boos gaat moeten worden om je grens te laten respecteren. Gebruik dit trapje, in je hoofd:

  1. Rustig. Geef rustig je grens aan. Vertel wat kan en wat niet kan, als daar ruimte voor is, leg je de grens kort uit. Vertel je kind wat het voordeel is voor je kind, als de grens gerespecteerd word. Jonge kinderen zijn nu eenmaal egocentrisch ingesteld.
  2. Kordaat. Zet je boodschap kracht bij. Gebruik je stem en lichaamshouding. Dit is assertief zijn.
  3. Word gerust boos. Geef een (logisch) gevolg aan het gedrag en zorg ervoor dat het gevolg nageleefd wordt. Blijf constructief en helpend, dit wil zeggen dat je geen nare dingen zegt (het soort dat je niet meent of waar je achteraf spijt van krijgt), en dat het logische gevolg een oplossing is voor het gedrag dat zich stelde.
  4. Rustig. Na je boosheid, neem je de tijd om zelf opnieuw tot rust te komen. Geef je kind ook die ruimte. Even niet bij elkaar zijn nu, is prima.
  5. Verbinding. Neem even tijd met je kind, om uit te leggen waarom je boos werd. Hou je gevoel daarover bij jezelf (ik-boodschap). Luister ook naar je kind en diens ervaring van jouw boosheid.

Wat je wil bereiken, is dat jouw grenzen zoveel mogelijk, gerespecteerd worden “als vanzelf”, terwijl jij lekker op de onderste tree blijft, en niet naar boven hoeft te klimmen.

Jouw grenzen zullen het meest “als vanzelf” gerespecteerd worden, wanneer jij:

  1. Veel zelfvertrouwen hebt
  2. Goed voor jezelf zorgt
  3. Zelf in evenwicht bent (rust vinden én een leuke uitdaging hebben in het leven)
  4. Bewust je stem en je lichaam inzet om je woorden kracht bij te zetten

Maar tot het zover is, mag je gerust af en toe eens lekker boos worden. Om op te komen voor jezelf, en je eigen grenzen te verdedigen. Op een constructieve, helpende manier.

Meer weten?

Wil jij graag ontdekken hoe jij je boosheid constructief in kan zetten om grenzen aan te geven? Dit is jouw sleutel naar het positief omgaan met je temperamentvolle kind zonder straffen.

Want een temperamentvol kind, zal altijd stevig duwen tegen de randen van het opvoedkadertje. Dus heb je stevige randen nodig, om een gevoel van veiligheid en geborgenheid te creëren bij je kind. En zal je af en toe eens flink moeten terugduwen.

Ontdek hoe jij:

  1. Meer zelfvertrouwen krijgt
  2. Beter voor jezelf kan zorgen
  3. Opnieuw in evenwicht komt
  4. Bewust je stem en lichaam in kan zetten om je woorden kracht bij te zetten

Zodat je rustig doch zelfverzekerd, constructief en helpend, grenzen kan geven aan je kind.

Vraag nu een gratis kennismakingsgesprek aan.

Radeloos: wanneer niets lijkt te werken…

Radeloos zoekende, doe je alles wat er in de boekjes staat. Je cijfert jezelf weg, zet jezelf even aan de kant, want ja, het is je kind, en je kind heeft duidelijk hulp nodig. Je vraagt het eens aan de juf of de verzorgster in de kribbe. Aan een familielid of een vriendin. Aan de huisarts.

Ze weten het ook niet.

Je blijft zoeken en proberen. Maar je kind blijft heel erg boos. Heel erg verdrietig. Heel erg bang. In het beste geval krijg je te horen dat het een fase is, en dat jullie het maar moeten uitzitten. Wat?!

Een stemmetje in je hoofd zegt dat je niets meer kan doen. Dat je er alleen nog maar kan zijn voor je kind. Tijdens de dag… en tijdens de nacht (maar daar lukt het al heel wat minder, je bent zo moe…).

Veel ouders voelen zich radeloos over de opvoeding van hun kind. Ze voelen zich wanhopig. Niks lijkt te werken.

Wat kan je doen als je alles al gedaan hebt?

 Creëer overzicht

Maak een lijstje met als titel het gedrag, de emotie, of de situatie waar het om gaat. Probeer dit zo concreet mogelijk te maken. Wanneer doet het gedrag, de emotie, de situatie zich voor? Wanneer is het beter?

Daaronder schrijf je wat je al allemaal geprobeerd hebt. Schrijf erbij hoe je daarbij kwam. Kwam het idee van jou, of van iemand anders? Van wie?

Vraag je vervolgens af, of de persoon die je deze oplossing gaf, voldoende kennis bezit over de materie. Is de juf, die met een stickersysteem werkt in de klas, omdat de kinderen anders niet luisteren, wel de juiste persoon om opvoedadvies te geven over jullie situatie thuis?

Waarschijnlijk ga je merken dat je dat “alles” wat je al geprobeerd hebt, kan terugbrengen tot een handvol oplossingen, deels aangeboden door mensen die waarschijnlijk buiten hun expertise domein gaan.

En dus is “alles” misschien toch niet “alles”. Bye-bye radeloos, want misschien is er toch iets dat je over het hoofd zag?

Neem afstand

Niet van je kind natuurlijk 😉 maar van het probleem. Stel je voor, dat je naar een televisieprogramma kijkt, dat gaat over een gezin, en hey, die mensen in dat gezin, lijken precies op jouw gezin! En de problemen die ze hebben, lijken precies op die van jou!

Wat zie jij, kijkend naar je televisie, dat het gezin IN de televisie, niet ziet?

Misschien geeft afstand je een inzicht. Bye-bye radeloos. Je kan weer verder.

Stap uit je huidig denkkader

Opvoedland staat bol van algemene oplossingen. Die vaak werken maar even vaak ook niet. Wees niet bang om je gevoel te volgen. En als iedereen naar rechts gaat, moet jij misschien links eens proberen.

Je was radeloos, omdat je eigenlijk die ene oplossing die je al had bedacht, niet durfde proberen. Misschien was je bang voor wat anderen ervan zouden denken… Is angst een goede raadgever? Meestal niet. Naar links dus. Bye-bye radeloos.

Zoek hulp!

Je hoeft geen gigantisch onoverkomelijk probleem te hebben om hulp in te schakelen. Integendeel. Kleine problemen zijn sneller op te lossen dan grote.

Waarschijnlijk heb jij een “niets lijkt te werken probleem” met je kind, anders had je niet tot hier gelezen. Dus zeg eens eerlijk, op zijn minst voor jezelf, wat houd je tegen?

  • Kan Helga ons wel helpen? Misschien… wie weet… Waarschijnlijk wel, maar je kan het alleen echt helemaal zeker weten als je het probeert natuurlijk. Dus misschien is dit gewoon even dapper zijn? Als ik je (nog) niet kan helpen, dan verwijs ik je door.
  • Kostprijs? Ik maak niemand zijn financieel plaatje. Maar als een mama mij vertelt dat ze liever gitaarlessen neemt voor haar al overprikkeld kind dan een coachingssessie, dan bloedt mijn hart, dan verzeker ik je. Begeleiding kan vanaf 25 € (in de community, dus online in groep). Of vanaf 20 €, als je de oplaadmomenten meetelt (daar kan je ook vragen stellen). En ja, dat is geen één op één begeleiding. Daarvoor investeer je minimum 75 €. Ik heb nog nooit iemand gehad die spijt had van de investering. Wel al mensen die me zeiden dat ik mijn prijzen dringend moest verhogen, wegens zo waardevol.
  • Past Helga haar visie wel bij die van ons? Iedere ouder wil opvoeden zonder straffen en zonder beloningssystemen. Iedere ouder wil dat diep vanbinnen. Meer velen geloven er niet in. Wel, ik toon je die weg. Praktisch en stap voor stap.
  • Gaat het wel klikken? Ik kan nog wel even doorgaan zo… en ik hoor trouwens graag wat jou tegenhoudt, als jouw reden hier nog niet vermeld staat. Je kan jou reden hieronder neerschrijven.

Hoe het ook zij, daarvoor dient de gratis kennismaking. Voor alles wat je tegenhoudt. Die stap zetten naar begeleiding voor jezelf, of voor je kind, is niet gemakkelijk. Daarom kan je kennismaken, zonder risico, op mijn kosten.

5 tips om je kind te helpen omgaan met boosheid

Is jouw ongelofelijk lieve kind ook wel eens boos? Ja, natuurlijk. Boos zijn mag, en het hoort erbij. Maar toch… makkelijk is anders, als je kind daar staat te roepen, brullen, schreeuwen en misschien ook wel schoppen, slaan en bijten. Wat dan? Een paar tips.

Tip 1: Boos zijn is oké.

Er zijn redenen genoeg om boos te zijn. Een kind kan boos zijn omwille van de ontlading van de dag. Een kind kan boos zijn, omdat hij of zij andere plannen had dan jij. Een kind kan boos zijn, omdat iets niet lukt. Omdat een broertje of zusje niet doet wat verwacht werd.

Redenen genoeg, en ze zijn allemaal oké. Want een gevoel is altijd juist. Je kind kan niets aanvangen met “dit toch geen reden is om boos te zijn” of “dat is toch niet erg”. Want boos zijn mag en is oké. Het is vrijwel altijd de manier waarop die niet oké is.

Tip 2: Toon respect voor je kind en diens leefwereld

Hoe “erg” iets is, hangt er maar vanaf hoe je die gebeurtenis rangschikt op je schaal van ergheid voor gebeurtenissen. Als volwassene heb je meer levenswijsheid, meer bagage, en kan je dingen dus beter kaderen. Je hebt geleerd om mededogen te hebben en geduld met anderen. Je weet dat zelfs de meest erge dingen, voorbij gaan.

Je kind weet dit allemaal niet. En daarom is het kwijt raken van een lievelingsknuffel echt wel het allerergste dat er ooit gebeurd is in het leven van je kind. Stel je het eens echt voor. Het ergste wat je ooit is overkomen. Niet weten of het ooit weer goed komt.

Die boosheid, die mag er echt wel zijn. Je kind zal zijn of haar redenen wel hebben, ook al zijn die voor jou nog niet helemaal duidelijk. Het maakt helemaal niet uit, hoe duidelijk het is voor jou. Want het gaat niet om jou. Als je collega boos is op de kapper, omdat haar kapsel mislukt is, dan toon je ook begrip, en heb je respect voor haar emotie, ook al vind jij dat dat kapsel wel meevalt.

Geef je kind hetzelfde respect, zoals je dat ook geeft aan andere volwassenen.

Tip 3: Grenzen geven veiligheid

Ja, het is oké om tegen je kind te zeggen dat je het gedrag “slaan” onaanvaardbaar vind. Vertel het met woorden, maar vooral met het geluid van je stem en met je lichaamstaal. Vertel het kordaat, op de moment zelf, en vooral vooral vooral ook rustig, nadien. Als de boze bui weg is, kom er even op terug, werk aan inzicht bij je kind, en zoek samen oplossingen, als je kind daar oud genoeg voor is. Is je kind nog niet oud genoeg, pas dan samen de alternatieve, aanvaardbare oplossingen toe. Doe het voor (ja, ook jij mag stampen op de grond :-)).

Tip 4: Pak overweldiging aan

Teveel is teveel. Mama zegt dat ik moet opruimen, maar waar beginnen? Wat moest ook alweer waar? Help!

Probeer heel duidelijk aan te geven wat je precies verwacht van je kind. Teveel informatie of verwachtingen tegelijk kan je kind doen ontploffen, zeker na een drukke dag. Probeer het eens stap voor stap, of doe alsof je kind een of twee jaar jonger is. Hoe zou je het dan aanpakken?

Tip 5: Wat deed je kind goed vandaag?

Bouwen aan het zelfvertrouwen van je kind, kan zeker en vast een invloed hebben op de hoeveelheid boosheid die er in je kind zit. Wanneer je kind beter in zijn of haar vel zit, is er meer geduld, en dus minder boosheid (hoe ben je zelf… ;-)).

Een makkelijke manier is om heel even, vijf minuutjes, tien minuutjes, te brainstormen met je kind, en samen minstens drie dingen te zoeken die je kind goed deed vandaag. De quality-time krijg je er gratis bij.

Dit waren alvast vijf tips die jij kan toepassen om je kind te helpen omgaan met boosheid. Kies een tip uit die bij jullie past, ga ermee aan de slag, laat hieronder weten hoe dat gaat.

Ken je nog een tip? Voel je vrij om hem te delen, ook in de comments hieronder.

Bedankt!

Kom uit die negatieve spiraal in 1-2-3

De feesten zijn al een poosje achter de rug, voor de meesten. Hier nog niet. We hebben nog een jarige met al de feestjes die daarbij komen (gezinsfeest, familiefeest, vriendjesfeest). Kadootjes die anders zijn dan anders. Een toetsenweek kwam er ook nog eens bij. We deden het prima tijdens de feesten, en toen ineens werd het toch weer moeilijk.

Misschien herken je dat wel. Je denkt “hé, we doen het wel prima tegenwoordig”, en dan ineens, komen er links en rechts omstandigheden bij, wordt alles weer moeilijker, en ga je twijfelen, goh, ging het nu eigenlijk wel goed? Was ik ook alweer goed bezig? Want zo fijn is het nu weer niet, en het ging toch weer snel bergaf. En nu moet ik weer opnieuw beginnen (dat is niet zo, maar zo lijkt het soms wel).

Het ene lijkt te volgen op het andere, en voor je het weet, zit je in een negatieve spiraal van drukte en vermoeidheid, waar het moeilijk is om weer uit te komen. Been there, done that…

Hoe geraak je daar nu weer uit op 1-2-3?

Stop

Neem even de tijd om stil te staan bij wat er allemaal gaande is. Pas dan zie je de verschillende elementen, in plaats van gewoon “één druk miserabel leven”. Misschien een stukje stress op het werk, misschien een stukje zelfzorg dat ontbreekt, een toetsenweek, spanning van een kind rond iets, een vriendje dat iets gezegd heeft dat je kind kwetste, ….

Overzicht

Pak een vel papier, en schrijf er die dingen op die het meest in je hoofd zitten. Door het op te schrijven, vermijd je dat je overweldigd wordt. Heel vaak speelt er een gevoel van overweldiging mee, van “het is zo veel allemaal”, van wanhoop, van gebrek aan moed om het aan te pakken. Zo los je dat op. Door het op te schrijven. Zo haal je die dingen uit je hoofd, en in de realiteit. Das belangrijk.

Actie

Nu ga je, voor elk van die dingen die je opschreef, drie dingen ernaast schrijven die je zou kunnen doen om datgene dat niet goed gaat in je leven, aan te pakken. En dat hoeven geen wonderoplossingen te zijn. Je vindt altijd wel ergens een mini-stapje dat haalbaar is om nu te zetten. Schrijf ze op, deze mini-stapjes.

En je raadt het al, het eerste mini-stapje, neem je vandaag. Er is altijd in de dag vijf minuten voor één klein mini-stapje. Dit is vaak het moeilijkste…

Als je nu denkt “jaja, die tip heb ik al zo vaak gehoord”, dan vraag ik je: “heb je hem ooit al eens effectief toegepast van A tot Z?” Zo ja, dan zou je weten dat het een goeie is. Het geheim zit ‘m niet in de tip, het geheim zit ‘m in het DOEN.

Hoe geraak jij uit negatieve spiralen? Wat is voor jou vaak een keerpunt? Deel het met de anderen hieronder in de commentaren, als iedereen dit doet, komen er vast nog veel meer waardevolle ideeën om uit negatieve spiralen te komen. DOEN dus, want daar gaat het om. 🙂