was successfully added to your cart.
Category

blog

Zelfzorg en grenzen stellen

Deze week hadden we het in de Facebookgroep en ook per e-mail over het thema “zelfzorg & grenzen stellen”. Grenzen stellen in de betekenis van “aan het gedrag van je kind / de behoeften van je kind om voor jezelf te zorgen”.

Ik kreeg vele reacties in de Facebookgroep en ook per e-mail, en op basis daarvan schreef ik deze blog met tips, met een filmpje erbij.

Tip 1: geef aan jezelf wat je geeft aan je kind

Ik merk vaak dat mensen ergens de overtuiging of de mindset hebben dat het ofwel zorgen voor jezelf is ofwel zorgen voor je kind. Maar veel kan gewoon samen, je kan zorgen voor jezelf én voor je kind. Wanneer zelfzorg voor jou nog moeilijk is, omdat je je schuldig voelt bijvoorbeeld, dan kan dit alvast helpen om toch beter voor jezelf te zorgen.

Bijvoorbeeld: je snijdt fruit voor je kind, en ook voor jezelf. Even samen fruit eten en relaxen.

Of samen kleuren, kan ook voor jou ontspannend zijn. Of de baby (of peuter of kleuter) voeden in de zetel, met een lekker drankje erbij en een knabbeltje. Daarna samen een dutje doen.

Vervang “ik heb daar geen tijd voor” door “dat is geen prioriteit voor mij” en je gaat merken hoe hoog of hoe laag je jezelf zet op het zelfzorgladdertje…

Tip 2: Samen

Doe samen iets wat JIJ leuk vind, en wat je kind kan meedoen. Jij kiest. Leg dit uit aan je kind: “soms kies ik, soms kies jij”. Zo leer je je kind ook weer waardevolle dingen.

Dit is ook een mooie kans om het kind in jezelf te gaan herontdekken. Wat doe jij eigenlijk graag?

Tip 3: wat wil je leren?

Vraag jezelf af wat je wil leren aan je kind. Goed voor jezelf kunnen zorgen, is heel erg belangrijk in de maatschappij van vandaag, waar iedereen het zo druk lijkt te hebben. Binnen een jaar of tien, twintig, wanneer jouw kind groot is, zal dit waarschijnlijk nog erger zijn. Het is dus misschien wel essentieel, dat jij je kind leert om voor zichzelf te zorgen.

Een voorbeeld geven helpt dan altijd wel. Je kan ook eens kijken naar je eigen mama, hoe was het bij jou vroeger thuis gesteld met de zelfzorg? En wil je dat doorgeven aan je kind, of niet?

Tip 4: Focus verleggen als positieve hulp bij loslaten

Door je kind “alleen” te laten (lees: in de zorg van een andere, liefdevolle volwassene) leer je kinderen vertrouwen hebben in anderen. Leer je zelf om vertrouwen te hebben in anderen. Je kan toekijken vol bewondering naar je kind, dat hij of zij al zo groot is dat dit kan, dat hij of zij al zo mooi kan aangeven wat nodig is, ook bij een andere volwassene.

Je kan dankbaar kijken naar die andere volwassene, dat die voor jouw kind wil zorgen. Je kan toekijken vol bewondering, naar een papa die het zo graag goed wil doen (ook al is het met vallen en opstaan ;-)).

Tip 5: vertragen

Onze hoofden zitten soms zo vol, er is zoveel te doen en ons leven gaat maar door en door en door…

Soms moeten we even stoppen, om te kunnen zien en voelen wat er aan de hand is, en of het echt wel met ons gaat. En vaak moeten we eerst even vertragen, alvorens we kunnen stoppen.

Filmpje!

Met nog meer uitleg over deze tips. Enjoy!

Een andere, meer helpende kijk op pesten

pesten

Een mama vroeg me om iets te schrijven over:

 

“omgaan met kinderen die het niet goed bedoelen met jouw kind”
(bijvoorbeeld vragen om te komen spelen om te kunnen uitlachen)

Bij deze. 🙂

Kinderen zijn hard voor elkaar.

Volwassenen soms ook wel, maar die beschikken in principe over meer (sociale) vaardigheden om een en ander te kunnen inschatten en opvangen. Kinderen hebben deze vaardigheden nog niet.

Babies en peuters spelen naast elkaar.

Ze interageren niet echt met elkaar, ze gaan wel eens voor het stuk speelgoed dat de ander vast heeft, maar echt samen spelen zien we meestal pas later, in de kleuterklas. Gaandeweg leren kinderen samen spelen, en haast automatisch komen daar plagerijen bij, pesterijtjes, uitdagen, … . Door trial en error leren ze wat kan en wat niet kan bij elkaar, en bouwen ze sociale vaardigheden op. Kinderen die een kind vragen om te komen spelen, en het vervolgens uitlachen, die zijn ook volop aan het testen wat nu leuk is, en wat aanvaardbaar is. Hee, dit is een leuk spel! Wij vinden dit leuk! Dat de ander dat niet zo leuk vind, dat is een tweede stap die niet altijd gezet wordt, zeker als kinderen nog erg jong zijn.

Nu heb je wel wat nodig, om sociale vaardigheden te kunnen opbouwen.

Je hebt empathie nodig, want je moet je kunnen inleven in de ander, om te begrijpen dat wat jij doet voor de ander misschien niet leuk is. Je moet gelaatsuitdrukkingen kunnen herkennen (is de ander boos, verdrietig, blij). Je hebt wat beheersing nodig, anders kom je niet tot een over en weer communicatie van afwisselend praten en luisteren, en kan je dus ook niet leren afspraken maken.

Best ingewikkeld dus allemaal.

Wanneer je merkt dat je kind hard wordt aangepakt door andere kinderen, is het handig om dat kader in je achterhoofd te houden. Ze zijn sociale vaardigheden aan het opbouwen, en dat is een leerproces. Zeker bij kinderen van de lagere school is dat volop aan de gang. De andere kinderen doen het niet persé om te pesten. Dat kan helpen kaderen, zodat jij rustiger met de situatie om kan gaan. Zeker als je dit zelf ook ervaarde als kind, kan het zijn dat je hier flink getriggerd wordt… en dan gaat jouw verstand ook weer uit.

Maar goed, hoe kan je daar nu mee omgaan?

Uiteraard zeg je er wat van tegen de leerkracht op school, als dit op school gebeurt. Maar de kans is klein dat het probleem daarmee opgelost wordt. Idealiter gaat iemand aan de slag met die andere kinderen, en ook met jouw kind, maar de realiteit is anders. In de realiteit, kan jij vaak enkel aan de slag met jouw kind. In ieder geval is dat altijd een mooi begin.

Je kan het gevoel van je kind erkennen, je kind au serieux nemen. “Wat vervelend dat ze je uitlachen”. Wanneer dit keer op keer gebeurt, kan je eens kijken naar het waarom, hoe komt het dat je kind zich iedere keer “laat vangen”? Waarom speelt je kind met die kinderen? Mogelijks kan je zelf daar je kind sterker maken, weerbaarder maken, door bijvoorbeeld te tonen hoe je stop zegt, met een kordate stem en een stevige lichaamshouding.

Leer je kind vooral dat dit niets met het kind zelf te maken heeft. Zo vermijd je die deuk in het zelfvertrouwen die je vaak ziet, wanneer kinderen worden uitgelachen.

Of je gaat voor deze, meer visuele aanpak:

Want hoe je het ook draait of keert, sommige kinderen (volwassenen) worden gepest en andere niet. En hoe hard we ook tegen pesten zijn, en hoe fout het ook is, er schuilen altijd groeikansen in. Meestal voor alle partijen:

  • groeikansen voor diegene die gepest wordt
  • groeikansen voor diegene die pest
  • groeikansen voor de opvoeders, zowel ouders als leerkrachten

Dus ga ermee aan de slag!

Wanneer volg jij niet je gevoel?

gevoel

Je gevoel volgen, veel ouders vinden dat het erbij hoort, de dag van vandaag. “Doe niets wat niet goed voelt”, hoor je dan wel eens. En ik geef toe, ik zei het vroeger ook wel, tegen moeders. Uiteindelijk, je wil het beste voor je kind, en als het niet goed voelt, dan klopt het niet, of wel?

Na jaren begeleiding geven durf ik vandaag zeggen dat je gevoel niet volgen, soms net een heel goed idee is…

Wanneer je in een bepaalde situatie het gevoel hebt dat je zus of zo moet handelen, en dat voelt goed om het zo te doen, dan heb je groot gelijk. Door je gevoel te volgen op zulke momenten, krik je je zelfvertrouwen op, zie je heel vaak ook dat het gewoon goed is. Wanneer het goed voelt, dan is het heel vaak gewoon goed.

Maar wanneer het niet goed voelt, wil dat absoluut niet zeggen dat het misschien toch geen goed idee is…

De afgelopen zomer gaf ik ons gezin het geschenk van wat opvoedondersteuning. Veel weten over opvoeden is immers één ding, er middenin staan en dan nog weten hoe je best handelt, iets heel anders. Dus eenmaal ik mijn ego opzij kon zetten 😉 was het niet zo moeilijk om verschillende mensen te bedenken die ons gezin misschien wel zouden kunnen ondersteunen. Ik ken er toch een hoop, dus dat zou makkelijk zijn, dacht ik. Gewoon even alles op een rijtje zetten, ieders kwaliteiten even bekijken, weten wat ik zelf wou, en dan kiezen.

Bleek dat ferm tegen te vallen. Want niemand voelde eigenlijk echt goed. Dus bleef ik zoeken naar iemand waarmee het wel goed zou voelen, waarmee het wel helemaal zou klikken.

Tot ik mezelf een heel belangrijke vraag stelde…

Wat is er nodig zodat dit goed kan voelen?

En toen ik me nog wat dapperder voelde:

Wat heb ik nodig, zodat dit goed kan voelen?

Het feit dat het voor mij niet goed voelde, had niets te maken met die andere mensen. Het had alles te maken met mij. Want als er iemand meekijkt naar de opvoeding van je kinderen, dan stel je jezelf wel heel kwetsbaar op. Ik moest mezelf heel kwetsbaar opstellen. En dat kon ik alleen maar met iemand die ik vertrouwde. Maar kon ik wel iemand vertrouwen? Ik was bang voor de oordelen (die ik niet zou krijgen). Ik was bang om de fouten te zien die ik had gemaakt (niemand is perfect, toch?).

Hoe zou het zijn, om me kwetsbaar op te stellen bij iemand die ik eigenlijk niet helemaal vertrouw (een beetje wel, maar toch…)? Wat was eigenlijk het ergste dat er kon gebeuren (=> en gekwetst ego).

Dus deed ik wat niet goed voelde. Keek naar binnen en zorgde voor mezelf. En na een poosje voelde het zo goed, zo goed! En ben ik dankbaar.

Bovenstaande is maar een voorbeeld, maar je kan dit principe toepassen op eender welke situatie waarbij je twijfelt of je je gevoel moet volgen.

Stel jezelf simpelweg de vraag:

Wat is er nodig zodat dit goed kan voelen?

En wanneer je je heel erg dapper voelt:

Wat heb ik nodig, zodat dit goed kan voelen?

Deel de momenten waarbij je twijfelt of je je gevoel wil volgen hieronder of in de Facebookgroep. Of stuur me een e-mail, naar hallo@opvoedenopmaat.com . Ik hoor graag van je!

7 dagen plezier met je kind voor meer inzicht in jezelf

meer plezier kind

Plezier maken… misschien is het iets dat kinderen gewoon veel beter kunnen dan volwassenen. Kinderen maken vaak nog ‘vanzelf’ plezier. Ze trekken gekke bekken, zingen liedjes, vertellen mopjes… . Misschien zijn wij volwassenen te druk bezig om plezier te maken. Zijn we saai geworden. Zijn we het kind in onszelf kwijt, vergeten.

Waarom plezier maken?

Lachen is gezond, zeggen ze, en dat klopt helemaal. Fysiologisch gebeuren er allemaal goede dingen wanneer je lacht. Ook emotioneel is lachen een opkikker. In het leven met je kind, is lachen ook een vorm van ontlading na een drukke dag. Is het ook een vorm van verbinding maken met je kind, wanneer je beiden kunt lachen om hetzelfde. Plezier maken is ook een manier om zelf opnieuw wat vrolijker in het leven te staan. Mag het een beetje minder druk, mag het wat minder serieus allemaal? Kun je jezelf dat toestaan?

Wat je aandacht geeft, groeit.

Wanneer je elke dag drie foto’s neemt van iets moois dat op je pad komt, ga je meer moois zien. Wanneer je elke dag drie dingen opschrijft waarvan je vindt dat je ze goed gedaan hebt, groeit je zelfvertrouwen. Wanneer je elke dag dankbaar kan zijn voor kleine dingen, ga je meer ontvankelijk in het leven staan. Gaat het gemakkelijker worden om te ontvangen.

Met plezier maken is het ook zo. In het begin is het moeilijk om te bedenken waar je nu eens over zou kunnen lachen. Want het leven is zo serieus (werken, rekeningen betalen, etc.). Maar oefening baart kunst. Eenmaal de eerste horde genomen, gaat het vaak al een pak beter.

Tips voor 7 dagen plezier!

Kinderen zijn vaak beter in plezier maken, dus is het een eerste logische stap om eens te kijken hoe je kind plezier maakt. Misschien kun je meedoen, of een tip vragen aan je kind.

Je zou een mop kunnen tappen, aangepast aan de leeftijd van je kind. Ook al lijkt dat voor jouw een flauwe mop dan, wanneer je begint te vertellen, en je kind doet mee, dan wordt het vanzelf wel leuker. Inspiratie vind je online, of haal je uit een moppenboekje van de bibliotheek (bijvoorbeeld). Je kan een mop vertellen tijdens het douchen, wanneer je kind ook in de badkamer is. Tijdens een rit in de auto of onderweg. Het kost geen extra tijd, alleen een positieve intentie om meer plezier te maken.

Maak plezier met je kind, met jezelf en met anderen. Waar word jij zelf vrolijk van? Waarmee kunnen anderen jou aan het lachen brengen? Hoe kan jij anderen aan het lachen brengen? Misschien kun je, bijvoorbeeld aan de schoolpoort, wanneer je je kind gaat afhalen, een anekdote vertellen aan de mama naast jou. En zo samen lachen, ook al ken je elkaar nog niet zo goed. Of zie je iets grappigs gebeuren, bijvoorbeeld onder twee kinderen. Zeg er iets van, lach samen.

Wanneer je je dapper voelt, doe dan eens iets geks. Maak een vreugdedansje op straat, enkel en alleen maar omdat je net je lievelingsbloem tegenkwam. Glimlach, wanneer je een vreemde blik krijgt van anderen die dat zien.

Of doe mee, met de geluiden van je kind. Whie-whie-whie! Daar komt de brandweerauto aan! Hoe klinkt jouw speciale sirene?

Terwijl ik dit schrijf, komt de herinnering bovendrijven van een wiegeliedje over een brandweerman dat ik zong voor mijn kinderen, toen ze baby waren… Om blij van te worden!

Laat het inzicht maar komen.

Ik daag je uit, probeer het een keer, zeven dagen meer plezier maken. En observeer wat er met je gebeurt. Meer lachen en meer plezier maken, betekent vaak dat je meer over jezelf te weten komt. Je herontdekt wat leuk was. Je ontdekt opnieuw een stukje kind in jou. Leuke herinneringen aan vroeger komen bovendrijven. Bovenal, ontdek je je eventuele weerstand tegen plezier maken.

Misschien komen er interessante vragen naar boven, zoals…

Hoe komt het dat ik dit niet vaker doe?

Waar was dit naartoe bij mij?

Dit is toch echt leuk, waarom kan ik dan niet lachen?

Wat houdt mij tegen?

Waar ben ik bang voor?

Mag ik plezier maken van mezelf?

Kan ik mezelf toestaan, om blij te zijn?

Sta het jezelf toe. Je verdient het, om plezier te mogen hebben. Je verdient het, om blij te zijn.

 

Deze blog werd voor het eerst gepubliceerd bij Nieuwetijdskind.

Liefdevol grenzen geven

Liefdevol grenzen geven aan onze kinderen…

We willen het allemaal, maar oh wat is het moeilijk, liefdevol grenzen geven … want:

  • we verliezen ons geduld
  • we zijn moe
  • we hebben bagage meegekregen van vroeger, en we geraken daar maar niet of moeilijk vanaf
  • we twijfelen vaak… verwachten we misschien te veel?

Al dan niet stiekem, verlangen we naar een opvoeding die vanzelf gaat. Waarbij kinderen als vanzelf grenzen zien en ze respecteren. Maar zou dit wel gezond zijn? Misschien heeft elke mama wel in haar hoofd dat het fijn zou zijn wanneer haar kind “gewoon” zou luisteren op simpel verzoek. Maar als dat zo zou zijn, dan zou het kind niets leren over grenzen aangeven, respecteren, assertief zijn en nog zoveel meer.

Een kind grenzen geven, is dus heel erg waardevol. Ze leren er bakken mee en dat is nodig. Grenzen aangeven & aanvaarden is geen vaardigheid waar we mee geboren worden. Dus je wil je kind grenzen meegeven.

Wanneer je zelf twijfelt over de grens, dan heeft dat een impact op je kind. Wanneer je zelf twijfelt of je die bepaalde grens wel zou aangeven of niet, dan pikt je kind dat op. Dit kan een onbewust proces zijn, bijvoorbeeld omdat je je onzeker voelt over je opvoeden.

Maar voor je zelfs nog maar aan grenzen geven begint, zijn er eerst een paar andere dingen die je best eens onder de loep neemt.

Zelfzorg

Ik val in herhaling, ik weet het. Laat het een reminder zijn. Liefdevol grenzen geven, wanneer je zelf heel erg moe bent, lukt alleen maar als je super ver gevorderd bent in het hanteren van je eigen emoties. De meeste mensen zijn nog niet zover. En zelfs dan, is het erg moeilijk. Blijf dus goed voor jezelf zorgen! Stel jezelf iedere dag te vraag:

“Wat kan ik vandaag doen voor mezelf?” Je kan de vraag zelfs ophangen, en ergens in je gezichtsveld laten “rondslingeren”.

Ban alle twijfel

Ga eens na voor jezelf of je wel zeker bent van de grens die je wil geven. Is het iets van jou, iets wat jij graag wil, of is het iets wat een ander graag wil? Vind jij het belangrijk, of vind de ander het belangrijk?

Je kan alleen liefdevol grenzen geven aan die dingen die passen binnen je eigen normen en waarden. Neem ze onder de loep, beslis voor jezelf wat belangrijk is en wat niet, en sta ook achter die beslissing.

Zelfvertrouwen speelt hier ook erg in mee, wanneer je vaak twijfelt aan jezelf (en je merkt dat niet alleen in je opvoeden), dan heeft dit een impact op de manier waarop je effectief grenzen aangeeft. Wanneer je het “niet voelt vanbinnen”, dan straal je dat ook uit, en ga je vaker macht moeten inzetten om je kind te laten luisteren, verbaal (roepen, dreigen) of non-verbaal (stevig vastpakken, een tik geven).

Valkuilen en patronen

valkuil

Misschien herken je het wel… je geeft (al dan niet half) een grens… en je ziet al in je hoofd hoe je kind gaat reageren (niet), hoe jij daarop gaat reageren enz enz.

Net alsof je voor jezelf de val al klaarzet. Je herhaalt telkens opnieuw ongeveer hetzelfde, en er gebeurt ook telkens opnieuw ongeveer hetzelfde. Je zit dan vast in het patroon.

Ook kan het gebeuren dat je telkens opnieuw in dezelfde valkuil trapt. Je weet bijvoorbeeld dat je aanwezig moet zijn, dat je verbinding moet maken met je kind, dat je goed voor jezelf moet zorgen enz enz. Je weet heel goed, dat dit helpt in het liefdevol grenzen aangeven. Maar toch lijkt het niet te lukken en blijf je in diezelfde valkuilen trappen.

Een valkuil kan ook een bepaalde gedachtegang zijn. Typisch is “mijn kind wil me weer liggen hebben, wil me saboteren, pesten, uitdagen, lacht me uit, … “.

Een valkuil kan ook een overtuiging zijn. “Mijn kind luistert toch nooit, wat ik ook doe”. “Het is hopeloos”.

Patronen en vastgeroeste gedachtegangen kan je doorbreken en veranderen. Het vraagt tijd en discipline, maar het kan. Wat er gebeurd is, om eender welke reden, is dat er bepaalde paden in je hersenen ingesleten zijn, brede paden die je als vanzelf kiest. Dit is een fysiek proces, dat met neuronen en synapsen te maken heeft. De oplossing is om je hersenen als het ware te gaan herprogrammeren. En daar bestaan veel ingewikkelde technieken voor, maar deze draaien allemaal rond hetzelfde, en dat is het bewust worden en stoppen van het patroon dat zich telkens herhaalt.

Hoe vaak slaan we onszelf niet voor het hoofd, zeggen we “hier ga ik weer” of “het is weer hetzelfde”. “Ik weet nochtans dat”. Wat we haast altijd vergeten dat is onze hersenen op dat moment aanleren om het juiste te doen.

Dus:

Stap 1: merk het patroon liefdevol op “oops ik ben weer aan het …”. Heb geduld met jezelf, prijs jezelf dat je het patroon gezien hebt. Dat motiveert voor de volgende keer. Van een lieve juf leer je het meest! 😉

Stap 2: stop jezelf in het patroon. Sta letterlijk stil, zeg “stop” tegen jezelf, onderbreek je patroon bewust met iets anders, zoals bijvoorbeeld in je handen klappen of een glas water drinken.

Stap 3: wanneer je goed gestopt bent, voer je effectief het gedrag uit dat je jezelf wil aanleren. Dit gedrag moet helpend zijn en een oplossing bieden voor het probleem dat het patroon uitlokt. Het nieuwe gedrag effectief uitvoeren, dat is zo belangrijk en we vergeten het vaak, of we doen het niet omdat we bang zijn dat we dan onszelf belachelijk maken… Het fijne nieuws is, dat kinderen dit veel beter begrijpen dan volwassenen. Wanneer ze je vragen stellen, kan je dat heel makkelijk uitleggen “ik wil dat niet meer doen (bijvoorbeeld roepen) maar in de plaats dat, dus ik doe dat nu, zodat ik kan oefenen”. Voor kinderen is dit heel logisch.

Wanneer je consequent stap 1 – 2 – 3 herhaalt gedurende 100 dagen, dan ga je dat merken. En als je nu denkt, wat! 100 dagen! Ja, dat is een beetje lang. Maar wat is 100 dagen in je leven? Niks toch? Wanneer je jezelf kan afleren om te schreeuwen tegen je kind in 100 dagen, is het dat dan niet waard? Wanneer we fysiek meer conditie willen opbouwen, aanvaarden we allemaal dat dat maanden of jaren duurt. Heb hetzelfde geduld met je hersenen, en blijf systematisch oefenen, net hetzelfde als wanneer je spieren traint.

Liefdevol grenzen geven

stop

Je kan verschillende dingen doen om een grens aan te geven. Sommige zijn liefdevol (iets vragen of zeggen), andere niet (boos worden, roepen, dreigen, slaan). Belangrijk is sowieso dat je congruent bent, dit wil zeggen dat wat je zegt (je woorden) overeenkomen met hoe je het zegt (het geluid van je stem en je lichaamstaal). Wanneer je stem en je lichaamshouding “niet klopt” met wat je zegt, geraakt je kind in de war.

Verbale communicatie doe je vaak bewust. We hebben geleerd om na te denken voor we wat zeggen. Wanneer je bewust opvoed, lukt het vaak al wel om stil te staan bij wat je zegt, let je op positieve communicatie enzovoorts.

Non-verbale communicatie doen we nog vaak onbewust. Veel ouders letten er niet op. Bij sommigen gaat het vanzelf goed, dat zijn vaak ook mensen die geboren leiders lijken te zijn, die een zekere positieve autoriteit uitstralen. Bij velen gaat het niet vanzelf goed, omdat de non-verbale communicatie wordt beïnvloed door bijvoorbeeld zelfzorg, twijfel en onzekerheid. Daarover kon je hierboven al lezen, ook wat je eraan kan doen.

Wanneer je zelfzorg goed zit, twijfel is verbannen, je patronen kan doorbreken, dan wordt liefdevol grenzen geven veel gemakkelijker.

Pas dan, kan je terugvallen op die technieken om liefdevol grenzen aan te geven die je misschien al kent:

Aanwezig zijn

Je bent er helemaal hé, toch? Of niet? Zorg ervoor dat je aanwezig bent, wanneer je communiceert naar je kind toe. Aanwezig zijn wil zeggen letterlijk, in dezelfde kamer, op ooghoogte, … wat dan ook van toepassing is op de leeftijd van je kind. Aanwezig zijn wil ook zeggen dat je hoofd zich op dezelfde plaats bevind als je lichaam. Je gedachten zijn op een positieve manier bij de grens die je aan het aangeven bent. Wat telt, is het hier en nu.

Die pyjama die aanmoet.

En niet meer dan dat.

Niet “die pyjama die aanmoet omdat ze anders te laat in bed ligt, morgen niet uitgeslapen is, ik weer moet roepen, we te laat op school zijn en ik het verwijt voel een slechte moeder te zijn”. Want dan ben je veel meer met je hoofd in het “straks en morgen” dan in het nu.

Efficiënt communiceren

Hoort je kind wel wat je zegt? Is het duidelijk wat je bedoeld? Vaak vervallen we in eindeloos herhalen en uitleggen op een niveau dat eigenlijk niet past bij ons (nog kleine) kind.

Let op je verbale communicatie én op je non-verbale communicatie. Straal je uit wat je zegt? In tegenstelling tot wat je misschien zou denken, is je non-verbale communicatie een stuk belangrijker dan je verbale communicatie. Welke woorden je precies gebruikt, is bijlange niet zo belangrijk dan hoe je de woorden gebruikt, welke toonje stem heeft, wat je gelaatsuitdrukking is, hoe je lichaam eruit ziet. Is je gezicht gespannen of is er een glimlach, zijn je schouders opgetrokken of ontspannen?

Omgaan met je eigen emoties

Wanneer je kind boos doet, ben je geneigd om zelf ook boos te gaan doen. Je reageert namelijk op wat je ziet. Emoties zijn ook nog eens besmettelijk, zeker voor hooggevoelige mama’s ligt hier een hele uitdaging.

Kan jij “gecontroleerd boos” zijn wanneer je kind over alle grenzen heen gaat? Boos zijn mag, het hangt er maar vanaf op welke manier jij boos bent, en of de mate waarin je dat toont aan je kind, passend is voor de situatie. Dit is heel belangrijk als je zelfzorg nog niet goed zit, of wanneer je kind je nog vaak triggert.

Dus vraag jezelf nogmaals af, “wat kan ik doen als ik boos ben”? Hoe ga jij daarmee om? Omgaan met jouw emoties, is jouw taak. Er is op zich niets mis met boos zijn. In een ideale wereld kom je tot een situatie waarbij je kind je niet meer boos kan maken. Omdat je niet meer getriggerd wordt, je het gedrag van je kind kan plaatsen, en je ook overal een oplossing voor weet (en je dus niet machteloos hoeft te voelen). Je kan dan alle boosheid naar je kind toe laten varen. Maar tot dan … gebruik jij je boosheid positief en gecontroleerd? Of is het meer “ik ontplof”, dan gaat je boosheid met jou aan de haal. En dan is het gewoon hopen dat het goed gaat…

Liefdevol grenzen geven met anderen in de buurt

Idealiter oefen je je in liefdevol grenzen aangeven wanneer je alleen bent met je kind. Dat is de meest eenvoudige situatie. Heel vaak wanneer je partner er ook bij is, of je je kind moet “terechtwijzen” wanneer er anderen bijzijn, kan je dat ervaren als veel lastiger. Hoe lastiger je het vind, hoe meer last je zal hebben van “goedbedoelde adviezen” en bemoeienissen, wat het nog moeilijker maakt.

Zucht.

De oplossing daarvoor is simpel. Oefen jezelf in het liefdevol grenzen aangeven. Hoe beter je erin wordt, hoe zelfzekerder je wordt. Hoe meer je non-verbaal al de juiste dingen uitstraalt. En dat pikt niet alleen je kind op, maar ook de anderen die toekijken naar hoe jij grenzen aangeeft.

Ban alle twijfel… jij kan dit. Je weet welke grens aangegeven dient te worden, je weet voor jezelf dat jij die belangrijk vind. Wat maakt het uit wat een ander denkt of vind? Het is jouw kind…

Daar is niks mis mee.

Succes!

3 ultieme vakantie-tips

3 tips

Hehe, de vakantie is nu helemaal daar. Voor de schoolgaande kinderen tenminste. Wij ouders “moeten” (willen?) vaak nog wat doorwerken of beginnen in huis aan die 101 klusjes waarvoor er tijdens het schooljaar geen tijd is. Soms stoppen we bijgevolg onze schoolgaande kinderen op dagkampjes, waardoor we vaststellen dat er aan het ritme eigenlijk niet zo veel verandert.

Hmmm… is dat dan vakantie?

Drie vakantie-tips komen er nu aan! Ook als je nog wil werken. Nog druk bezig bent. Ook als je kind op dagkampje zit en het ritme quasi gelijk lijkt aan school. Maar ook als je al lekker thuis bent, al dan niet samen met je kind.

Maak vakantie herinneringen

Je kent ze hopelijk wel, die kleine, fijne oases van rust die je soms – al dan niet toevallig – lijkt tegen te komen. Je bent aan het voorlezen bijvoorbeeld, en plots krijg je zo een gevoel van “heerlijk, dit is het helemaal”. Of het lukt je eindelijk om fijn mee te spelen met je kind terwijl dat anders soms zo moeilijk is en je denkt “kon het maar altijd zo zijn”. Of je stelt vast, dat samen lekkere hapjes maken (en opsmullen natuurlijk) toch zoveel verbinding kan maken.

Wanneer je zo’n gouden momentje ervaart, neem even de tijd om dat te benoemen. Voor jezelf, maar ook voor je kind. Je krijgt gegarandeerd een fijne feedback van je kind, wat jou gaat stimuleren om dit vaker te willen herhalen. Zeg dingen als “oh, dit is leuk zeg”, of “wat fijn zo hé”. Maak de herinnering tastbaar ook, schrijf er een kort briefje over, maak er een tekening van, neem een foto.

Vakantie herinneringen maken zijn waardevol om twee redenen. De eerste reden is dat het je helpt om even nog sterker in het nu aanwezig te zijn. Je legt de focus op het goede moment (ook al was het tien minuten daarvoor dikke ruzie…), het helpt de minder goede dingen vergeten. Je geeft aandacht aan datgene wat je écht wil. Je weet dat wat je aandacht geeft, groeit, dus … . De tweede reden is dat die kleine, tastbare herinneringen je later (na de vakantie) gaan inspireren. Want heel vaak, als het terug school is, zijn we dat vakantiegevoel veel te snel weer kwijt. Deze keer niet, want als je dit de hele vakantie doet, dan ga je bij het begin van het nieuwe schooljaar / de herfst / na je vakantie een mooi stapeltje hebben van fijne herinneringen en gebeurtenissen. Het gaat je inspiratie geven om het vakantiegevoel terug te laten komen. Want tijdens het jaar is het om de een of andere reden soms moeilijk om ons eraan te herinneren, dat we echt wel tijd hebben om een picknick te organiseren in de living.

Ben je er wel bij?

Je lichaam is altijd in het nu. Dat is makkelijk. Fysiek ben je er gewoon. Dat kan niet anders. Je hoofd daarentegen… Waar is je hoofd, of handiger gezegd, waar zijn je gedachten? Zijn je gedachten, net zoals je lichaam, bezig met wat je nu aan het doen bent? Dan ervaar je ook geregeld stilte in je hoofd. Heerlijk… die rust.

De meeste mensen stellen vast dat hun gedachten vaak in de toekomst zitten. Met je hoofd en je gedachten in de toekomst zitten, wil zeggen “ik zal maar snel koken want anders liggen ze niet op tijd in bed”. Je gedachten zijn bij het doel “op tijd in bed” en niet bij “koken”. Je ben dan met je hoofd in toekomst. En we doen dat allemaal wel eens (als we het constructief doen, dan heet dat plannen ;-)). Niks mis mee. Maar als je dat de hele tijd aan het doen bent, dan is je lichaam letterlijk de hele tijd je hoofd aan het achterna hollen. En van al dat hollen, wordt je gewoon kei-moe! Je voelt je letterlijk uitgeput en leeg van al dat hollen en haasten.

Het omgekeerde kan ook, je hoofd is dan in het verleden (en je lichaam ook weer in het nu, dat kan niet anders). Dit betekent dat je veel aan het nadenken bent over bijvoorbeeld de ruzie van deze morgen. Met je kind, of met je partner. Een slechte beoordeling op het werk die je kreeg. Wat er allemaal fout is gelopen in het verleden. Wat er dan gebeurt is dat je lichaam je hoofd moet meetrekken. Want het hoofd loopt achter. Ook vermoeiend, maar wat hier anders is dan het hoofd in de toekomst, dat is, wanneer je hoofd in het verleden zit, je heel vaak letterlijk het gevoel hebt dat je niet vooruit geraakt. Dat je vast zit. Alsof je hoofd letterlijk een gewicht is dat moet meegesleurd worden, en het is zo zwaar, zo zwaar, tot je letterlijk stilstaat of stilvalt.

Sommige mensen combineren zelfs, en zijn met hun hoofd quasi nooit in het nu. Ze zitten ofwel in de toekomst, ofwel in het verleden. En hun arme lichaam wordt maar van het ene naar het andere geslingerd.

Oké, leven in het nu dus, hoe begin je daaraan? Op zich kennen we dat meestal wel en proberen we dat ook te doen. Maar het lastige is, dat onze hersenen wel getraind zijn intussen in al die toekomst- en verleden gedachten. We willen dus effectief onze hersenen opnieuw gaan trainen, met nu-gedachten. Tis zoals een marathon leren lopen, het vraagt oefening, tijd, aandacht, discipline ook om jezelf te herpakken wanneer het even lijkt tegen te zitten allemaal. Het vraagt moed, en doorzettingsvermogen.

Gelukkig hebben moeders daar veel van, zeker als het gaat om hun kind. We gaan voor onze kinderen door het vuur, we zouden alles doen voor hen. Gebruik gerust die energie om jezelf te leren nu-gedachten te hebben.

De vakantie herinneringen gaan je alvast helpen, want dat zijn nu-gedachten. Je kan ook tijd nemen om te kijken naar je kind, wat is hij of zij aan het doen, wat gebeurt er precies? Geniet van het moment… Probeer om je hoofd terug op je lichaam te zetten, door actief te checken wat je lichaam eigenlijk aan het doen is, en om met je hoofd met hetzelfde bezig te zijn (die courgette die ik aan het snijden ben voor het avondeten ziet er zo mooi groen uit vandaag, en ruikt ook bijzonder lekker).

Wat doe jij eigenlijk graag? Maak er ankers van.

Stel dat je de hele dag alleen thuis bent, en niets moet. Waarmee zou je jezelf dan eens lekker verwennen? Neem een stukje papier en een kookwekker, en schrijf ideeën op. Wanneer je niet meer weet wat je moet schrijven, zet je de wekker voor twee minuten en denk je nog twee minuten na over wat je graag doet. Ook dat is het trainen van je hersenen, net zoals met spieren, wanneer je moe bent, nog eventjes verder gaan.

Wat zijn jouw rustankers? Net zoals het anker van een boot op een woelige zee, kan jij ook jouw rustankers gebruiken om tot rust te komen wanneer het niet zo rustig is. En het wordt helemaal geweldig als je dit kan maken niet alleen voor jezelf, maar ook voor je kind (eren). Oudere kinderen kunnen dit ook prima zelf, je kan woorden gebruiken of tekeningetjes of allebei natuurlijk.

ankers

Nog meer weten over ankers? Bekijk dan gerust (nog eens?) het filmpje van dag 3 van de mini-challenge, daar heb ik het ook over ankers:

Fijne vakantie!

ontstress jezelf in 5 minuten met deze 5 tips

Het zijn de laatste loodjes voor de echte zomermaanden. Voel jij het ook? Nog snel even dit, nog rap even dat, en dan! Ja, dan rust. Op het werk moet er nog even vanalles af. De kinderen zijn schoolmoe. Examens en toetsen aan de gang.

Meer dan redenen genoeg om niet te wachten tot je tijd hebt om te ontstressen. Je krijgt alvast 5 tips mee, elk van de tips kan je toepassen in 5 minuten. “Geen tijd” is dus geen excuus! 😉

Tip 1: snelle massage

Masseer het knooppunt op je hand aangeduid met een kruisje op de onderstaande foto. Neem even tijd om het goede punt te vinden, het voelt lichtjes pijnlijk, intenser dan de zone errond, wanneer je er druk op uitoefent. Je kan dit punt zachtjes masseren met cirkelvormige bewegingen, om te ontspannen. Het is ook dit punt dat “gemasseerd” wordt wanneer je zo’n bandje bij de apotheek gaat halen tegen hoofdpijn (zonder medicatie). Je kan dit altijd en overal doen, gedurende een paar minuten.

stresspunt

Tip 2: ademen

Het gaat niet om het bereiken van die diepe, relaxerende buikademhaling, wat je wel vaker hoort. Het gaat om goed doorademen, en de juiste ademhaling te gebruiken bij de juiste situaties. Wanneer je stress ervaart, ga je automatisch oppervlakkig ademen. Dat is een stressreactie van ons lichaam, indertijd, toen we nog moesten vluchten voor roofdieren, was dat erg handig. Nu niet meer, maar de reactie is er nog altijd.

Dus neem geregeld de tijd om extra te ademen. Wat dieper dan je gewoonlijk zou doen. Ook eens stevig zuchten kan wonderen doen.

Tip 3: voelen

Neem geregeld de tijd om even stil te staan bij wat je voelt vanbinnen. En alles is oké hé. Je kan voelen in termen van emoties, maar ook in termen van sensaties. Je kan je moe voelen, verdrietig voelen, boos voelen, of je kan ook een bal spanning voelen in je buik. Alles is oké. Vertel jezelf, dat wat het ook is, je het nu niet hoeft op te lossen. Simpelweg voelen wat er te voelen valt, en het gevoel er bewust laten zijn, is ook al helpend.

Ademen helpt hierbij, het is dus heel logisch om tip 2 en tip 3 aan elkaar te hangen. 🙂

Tip 4: geef jezelf helpende gedachten

Ik zeg wel eens tegen onze oudste “nu ben je jezelf aan het boos maken, met rode gedachten”. Er zijn verschillende manieren om stress op te lopen. Je kan stress krijgen van andere mensen, van je partner, je kinderen. Je kan stress krijgen van situaties, wanneer dingen anders gaan dan je had gewild. Maar je kan absoluut ook stress krijgen van jezelf, door een bepaalde manier van denken.

Meestal zie ik dat mensen aan de slag gaan met de twee eerste bronnen van stress, omdat ze niet weten hoe om te gaan met de derde bron. Maar in feite is net die derde bron van stress, je eigen gedachten, het handigst om aan te pakken. Omdat je hier helemaal zelf de controle over hebt. Dit kan een lang en moeizaam proces zijn, wanneer je negatieve gedachten ervaart die je zijn ingelepeld in je kindertijd. Maar je kan ook met vijf minuten per dag al aan de slag, door voor jezelf een paar mantra’s te bedenken, zoals:

  • ik ben goed genoeg
  • het is goed genoeg
  • het is oké (naar je kind toe bijvoorbeeld kan je die ook vaak herhalen)
  • relax

Deze kan je opschrijven op een post-it en op de ijskast hangen (bijvoorbeeld).

Tip 5: gebruik je zintuigen

Hier gaan we een beetje de mindfullness kant op. Je zintuigen gebruiken om jezelf te ontstressen, is ook weer heel makkelijk en snel. Je kan geuren gebruiken, zoals lavendel. Wanneer je last hebt van een inwendige piekermolen, kan je je concentreren op je omgeving, en tien dingen opnoemen die je hoort. Tien dingen die je ziet. Wanneer je net last hebt van lawaai en drukte uit je omgeving, kan je je voorstellen dat je in een grote zeepbel zit, of kan je in jezelf kijken, wat er daar te zien / voelen is.

Nog meer tips?

Die kan je krijgen in de online workshop “ontstress jezelf”! 🙂

 

Schermpjes zonder schuld

schermpjes zonder schuld

Er was deze week weer heel wat te doen rond schermtijd. Er werden resultaten gepubliceerd van een nieuw onderzoek van UHasselt, dat stelt dat wanneer er meer dan 10 uur tv of computer per week gekeken wordt, dit leidt tot celveranderingen gelinkt aan diabetes en hart- en vaatziekten. Men stelt ook, dat een “goede” schermtijd vaststellen, moeilijk blijft.

Mijn kinderen zagen de resultaten op Karrewiet passeren, en de oudste stelde spontaan voor om ons schermplan aan te passen. Hij had meteen goeie, concrete ideeën (die hij deze morgen bij het implementeren al minder interessant vond ;-), maar goed). We halen dus alvast weer een beetje af van onze schermtijd. Het mooie weer helpt mee.

De klassieke vraag…

… die ik wel vaker hoor, is “hoeveel tv / computer mag mijn kind nu eigenlijk kijken”? Mensen vragen het zich af, ik denk omdat het ook zo wordt aangepakt in onderzoeken en in de media: “hoeveel uur mag”. Terwijl ik me best kan inbeelden dat het in realiteit kan verschillen van kind tot kind, en van ouder tot ouder, want je moet natuurlijk bereid zijn om dat goede voorbeeld te geven… Vaak wordt er ook enkel gekeken naar beweging (meer stilzitten voor tv is minder bewegen), maar is dat wel zo zwart-wit. Wanneer je tv ruilt voor lezen bijvoorbeeld, beweegt je kind nog steeds evenveel.

Maar eigenlijk gaat het om veel meer…

Wanneer ik dan doorvraag, komen er heel andere vragen en situaties naar boven. Eigenlijk is het kind in kwestie gevoelig voor prikkels bijvoorbeeld, en ontstaan er daardoor problemen. Die verergerd worden door veel tv (want dat zijn nog meer prikkels). Bijna altijd voelt de ouder in kwestie zich schuldig. Bijna altijd is er gedoe rond het uitzetten van de schermpjes. En dat verzwaart het geheel. Bijna altijd snakken ouders gewoon naar RUST, en lijken ze die alleen te vinden wanneer hun kind even tv kijkt en dus stil is…

Al deze dingen maken, dat het probleem “schermtijd” niet op te lossen is, door enkel en alleen maar te kijken naar “hoeveel uur mag”.

Dus!

Kijk naast de klassieke vraag ook eens naar het volgende:

  • Voel ik me schuldig? Zo ja, waarom precies?
  • Wat is nu de ideale schermtijd? (hoeveel uur mag dus, het hoort erbij)
  • Wat is normale weerstand van mijn kind, en hoe ga ik daar mee om?
  • Wat zijn voor mijn gezin de valkuilen en hindernissen bij het bepalen van de schermtijd?

Wat meer uitleg over elk puntje kan je hieronder lezen.

Schuldgevoel

Veel ouders kampen met een schuldgevoel rond schermtijd. Ze voelen zich bijvoorbeeld een slechte ouder, omdat ze er niet in slagen om schermtijd te beperken. Of omdat hun kind nogal veel drama maakt wanneer bijvoorbeeld de tv uit moet, en ze daar soms – heel eerlijk – gewoon echt geen zin in hebben. Weten wat er achter je schuldgevoel zit, maakt het makkelijker om hiermee voor jezelf om te gaan.

Wat is nu de ideale schermtijd?

Daarbij spelen voor mij verschillende factoren een rol. Niet alleen maar beweging. Ook de mate waarin een kind omkan met zijn of haar emoties is belangrijk. Slaapt je kind goed? Heb je zelf veel behoefte aan rust? Het speelt allemaal mee.

Normale weerstand

Weerstand hoort bij opvoeden. Kinderen zoeken grenzen op, en als ouder geef je ze aan. Maar je kan je terecht afvragen of het drama dat je kind verkoopt als de tv uit moet, nog wel “normaal” is. Als dat te geladen is, te zwaar, dan is er waarschijnlijk meer aan de hand, en is het ook daar goed om eens te kijken wat eronder zit. Hooggevoelige kinderen bijvoorbeeld die overprikkeld zijn op school, en na school meteen achter een scherm kruipen, maken bijna gegaradeerd veel drama wanneer het scherm uitmoet, en / of gaan minder goed slapen.

Niet elk probleem dat zich stelt rond schermpjes, in in feite een schermprobleem…

Valkuilen en hindernissen

Een valkuil kan bijvoorbeeld zijn dat er niet goed gecommuniceerd wordt over uitzonderingen. “Als mama ziek is, mag er meer tv gekeken worden”. Vaak staan we dat toe maar vergeten we te zeggen dat het een uitzondering is om die en die reden.

Soms is de vooropgestelde schermtijd simpelweg niet haalbaar op dit moment, waardoor iedereen in de stress schiet.

Overprikkeling is zoals gezegd al een gigantische valkuil, wanneer je hooggevoelig kind veel drama maakt over tv, en je pakt de overprikkeling niet aan, dan blijf je drama hebben, wat je ook doet rond schermtijd…

En zo zijn er nog een paar.

Online workshop “schermpjes zonder schuld”

Met al deze bovenstaande elementen begeleid ik ouders naar een ideale schermtijd die past bij het gezin. Met alles wat daarbij hoort. In de online workshop maken we rond al deze elementen meer diepgang en krijg je een concrete leidraad om je eigen schermplan op te maken. Doordat het een online workshop is, kan jouw investering heel laag zijn (25 €). Je krijgt bovendien een opname en toegang tot het nieuwe platform, waar je nog tot twee weken na de workshop vragen kan stellen. Zodat het helemaal oké is als je er niet bij kan zijn. Dan kijk je gewoon lekker nadien.

Meer informatie en inschrijven doe je hier.

 

Zo breng je je kind echt hélemaal tot rust!

We lezen veel over het “reptielenbrein” tegenwoordig en dat is goed. Maar hoe kan die kennis ons nu helpen in het opvoeden? Bijvoorbeeld, in een overprikkeld kind tot rust te helpen komen?

Een praktische toepassing…

Maar eerst kort de theorie opfrissen

Op een gegeven moment in de tijd, waren er reptielen. Met een reptielenbrein. Zij konden (kunnen) sensaties gewaar worden. Sensaties zijn dingen als warmte, koude, kippenvel, een hartslag (langzaam of sneller), ademhaling (oppervlakkig of diep), …

Toen kwamen de zoogdieren. Zij ontwikkelden, rond dat reptielenbrein, een tweede laag hersenen. Toen had je een zoogdierenbrein. Zoogdieren hebben de sensaties van de reptielen, en daarboven voelen ze ook nog eens emoties. Voorbeelden van emoties zijn blijdschap, verdriet, boosheid, … .

Toen kwam de mens. En ja natuurlijk zijn wij ook zoogdieren, maar wat is er anders aan onze hersenen? Mensen hersenen hebben een derde laag. Het is die derde laag die ons laat denken, plannen, en die taal mogelijk maakt. Mensen hebben én het reptielenbrein én het zoogdierenbrein én denkende laag erbovenop. Wij kunnen sensaties ervaren, emoties voelen, en plannen maken, dingen bedenken, … .

Gebruik elke hersenlaag

Hoe zou het zijn, als je je kind tot rust helpt te komen met deze kennis? Hoe kan je nu elk van deze drie lagen apart tot rust brengen, zodat er een diepere relaxatie ontstaat?

De buitenste laag (de “mensen laag”)

Vaak beginnen we met de buitenste laag. Hier ga je helpende gedachten gebruiken om je kind rustiger te laten worden. Je creëert je eigen helpende gedachten om zelf rustig te blijven, en je spreekt helpende gedachten uit om je kind te helpen.

  •  Wat heb jij nu nodig?
  •  Wat is er aan de hand?
  •  Hoe deed je dit vorige keer?
  •  Wat kan je nu doen?
  •  …

De middelste laag (de “zoogdieren laag”)

Dit is het stukje van de emoties. We reguleren de emoties van onze kinderen door zelf rustig te blijven, te benoemen, erkennen, …

De reptielen kern

Dit is dus de kern. Wat letterlijk het diepst vanbinnen zit. Je kan die ook aanspreken om nog diepere relaxatie te bekomen. Vaak gebruiken we deze enkel apart, we gaan ons focussen op onze ademhaling om rustig te worden bijvoorbeeld. En dat werkt niet.

Wat wel een heel goed effect heeft, dat is om na dat stukje emoties, ook nog eens deze kern aan te spreken. Geef je kind warmte bijvoorbeeld na een driftbui. Een deken of een kersenpit kussen. Een warm bad misschien?

Kortom, door alle lagen apart te benaderen en na elkaar in te zetten, bereik je meer.

 

Dit artikel werd voor het eerst gepubliceerd bij Nieuwetijdskind Magazine!

meer rust met je kind

gratis challenge meer rust met je kind

Meer rust met je kind… hoe komt het toch dat dat zo moeilijk is? Oké, we hebben veel te doen, het huishouden is druk, we “moeten” gaan werken, er moet zoveel maar…

We hebben toch ook Google? Laten we het eens aan Google vragen, meer rust met mijn kind, hoe begin ik er aan…

We ontdekken veel.

Heel veel. Verschillende hapklare artikels (en blogs zoals deze) duiken meteen op. 4 tips voor meer rust met je kind. 6 tips voor je hooggevoelig kind. 8 tips tegen onrust. En ga zo maar door. Tips zat, zo lijkt het wel.

Wat is het probleem eigenlijk?

Het doet me denken aan die keer dat ik googlede op “meer zelfvertrouwen”, want ik wou tips voor meer zelfvertrouwen, want, ik wou meer zelfvertrouwen. Ik vond veel tips, goeie en minder goeie, paste er een aantal toe. Een tijd. En dan verwaterde dat weer, want iedere dag dit of dat er nog eens bijdoen, daar had ik geen tijd voor…

Enorm veel tips die ik las over meer rust krijgen met je kind, waren ofwel ingewikkeld, ofwel vaag. “Stel je prioriteiten”, is een goeie tip, maar hoe doe je dat nu, in je dagelijkse leven? Daar moet je toch echt wel even voor gaan zitten, en erover nadenken, waarschijnlijk komt er dan vanalles los, en dan moeten we daar weer over gaan nadenken… Allemaal zinvol, maar tegelijk zijn we best wel bang voor al dat nadenken, en we hebben er ook weinig tijd voor. Dus verwatert dat weer.

Ik denk dus niet dat het probleem is dat we niet weten hoe we meer rust met ons kind kunnen krijgen. Ik ben er zeker van dat je ook wel weet, bewust of onbewust, dat je je prioriteiten moet stellen, dat de afwas echt wel even kan wachten om een spelletje te spelen met je kind… (maar ook niet voor eeuwig en altijd, dus daar loop je dan weer vast).

Wat is het probleem dan wel? Ik wil hier geen algemeenheden gaan verspreiden, uiteraard is het voor iedereen anders. Ik kan me wel voorstellen, dat het echte probleem eerder iets is in de trend van:

  • Mijn kind wil niet mee
  • Mijn partner, die zou dat maar gek vinden
  • Het is toch gewoon normaal, dat we het zo druk hebben? Dat is toch overal zo?
  • Ik heb er geen tijd voor
  • Het is te ingewikkeld of te moeilijk
  • Ik heb er geen zin in (eerlijk)
  • Ik heb het al zo vaak geprobeerd en toen … (niet helpende overtuigingen, heet dat)
  • Ik heb gewoon geen fut meer om eraan te beginnen… (heel eerlijk)

En geloof het of niet, ik snap dat. Been there, done that… Als hooggevoelige mama van twee energieke, hooggevoelige jongens, is rust voor mij een absolute noodzaak simpelweg om overeind te blijven in het leven. Het moet er gewoon zijn, anders trek ik het écht niet (maar écht niet).

Misschien wel de grootste valkuil van al.

Dat is wanneer we nadenken over “meer rust met mijn kind”, dat we een ideaal beeld in ons hoofd krijgen. Floep, daar is het. Je ziet jezelf helemaal zen, de kinderen rustig aan het spelen, niemand die zeurt of je lastigvalt, iedereen die zijn of haar plan trekt en op tijd en stond iets moois komt vertellen of meedelen. Waarschijnlijk in een ideale setting, waar de zon schijnt en het huis waarin je woont helemaal aan de kant is. Rust met je kind wordt zo… een mooie maar onhaalbare droom. Dus doen we maar geen inspanningen… Want jij weet waar je nu staat, in alle drukte, met een ontploft huis en ruzieënde kinderen. En de kloof tussen waar je nu staat en waar je zou willen zijn, die lijkt veel te groot om te overbruggen.

En dan is de vraag…

Durf jij 1 stap te zetten?

Want om naar de overkant van de kloof te gaan, heb je alleen maar een brug nodig met treetjes. Misschien zijn het wel 100 treden, of 1000, maar als je 1 tree al kan nemen, dan ben je echt al wel dichter bij de overkant.

Natuurlijk, als je 1 tree genomen hebt… dan wil je misschien niet meer terug. Misschien krijg je dan wel zin in nog een tree. Of misschien word je wel bang onderweg van alle verandering…

Wil je graag meer rust met je kind? Echt wel ja? Ben je bereid om 1 stap te zetten? Ben je daar dapper genoeg voor?

(Moeders die iets doen voor hun kind -wat je kind profiteert natuurlijk van jouw nieuw gevonden rust- , zijn de dapperste mensen van de planeet, dat geloof ik echt… Wanneer je jezelf meer rust kan geven, is het helemaal prima, wanneer het nog moeilijk is om iets voor jezelf te doen, doe het dan voor je kind)

Probeer dan deze eens:

Voortaan ga je, in de ochtend, wanneer je stress ervaart, even stoppen waar je mee bezig bent en squats doen. Zo diep door je knieën buigen vanuit stilstand en weer recht (luister naar je lichaam!). Wanneer je wat uit conditie bent zoals ik 😉 dan duurt het ongeveer 1 minuut voor je moe bent. Of 2. Niet lang, in ieder geval. Na die éne minuut haal je nog eens een paar keer diep adem, en je stressniveau zal een stuk lager liggen. Je hangt een post-it op de ijskast of een andere plek waar je vaak komt, en je schrijft daarop “squats”. Als reminder.

Zo simpel is dat. En zo kort duurt dat.

Het moeilijkste is “wil ik wel echt iets veranderen”, “wat gaan de kinderen denken”, “wat gaat mijn partner denken”, “hoe moet ik dit nu weer gaan uitleggen”.

Je kinderen gaan het waarschijnlijk heel erg grappig vinden en misschien willen ze meedoen. Dat is ontladen en mooi meegenomen! Tegen hen kan je zeggen “ah dat is mama’s nieuwe ochtendgymnastiek” (dat is niet gelogen, toch?). Tegen je partner kan je overigens hetzelfde zeggen (beloof hem of haar strakkere billen ;-)). Of je zegt dat je ergens gelezen hebt dat dat helpt tegen de stress.

En deze:

Ben je bereid te stoppen met stressen? Ben je bereid om toe te geven dat dit iets is waar je last van hebt? Dat je echt wel meer rust wil met je kind, en dat je ook bereid bent om daar iets aan te doen?

Een probleem is pas echt een probleem als je een oplossing ziet… anders het is “normaal” en “toch overal zo”.

Ik probeer graag wat oplossingen verder met je uit, en daarvoor kan je je nu inschrijven voor de gratis challenge “meer rust met je kind”. En dan hoor ik gauw weer van je!